Het Meetjesland in het noorden van Oost-Vlaanderen This page in English

Adegem

Middelburg Maldegem Knesselare Ursel Oostwinkel Ronsele Eeklo St-Laureins Kaprijke Waarschoot Click here for a larger copy of this picture.
Klik in de linker bovenhoek van de afbeelding hieronder voor een grotere versie van de hele foto.
Adegem en zijn geburen op een landkaart van 1973

Uit een landkaart van 1973

Naam: de plaats is vermeld in de jaarboeken van de Sint-Pietersabdij (840) als Addingahim en Hattingem, wat betekent 'woonplaats van de lieden van Ado'.

Geschiedenis

Talrijke vindplaatsen uit de prehistorie bewijzen dat Adegem vroeg bewoond was.  Dankzij de luchtfotografie werden op 19 plaatsen niet minder dan 42 cirkelvormige structuren gelokaliseerd: grondsporen van grafheuvels uit de Bronstijd.  Het grootste aantal werd gevonden aan de Verbranden Bos, naast deze op Kraaienakker, Vliegplein, Mollevijver, Blakkeveld, Staalijzer en Molenstraat.

De Romeinse waterput, opgegraven op de wijk Staalijzer, wijst erop dat ook de Romeinen de zandige hoogterug volgden; veel later vinden we hier ook de Antwerpse heerweg, die van Eeklo over Raverschoot naar Maldegem-centrum loopt, één van de oudste verbindingswegen in de streek.

Raverschoot, op de grens van het Ambacht Maldegem en de Keure van Eeklo, wordt in 1127 in het verslag van Galbertus over de moord op Karel de Goede een 'bijna onoverwinnelijk en ontoegankelijk' oppidum genoemd, een versterkte en bewoonde plaats dus.  Op 11 maart 1127 werd 'Ravenschot' verbrand en vernield, omdat de bewoner Robert de Jonge, zoon van de kastelein van Brugge, medeplichtig aan de moord op de graaf, er zich met zijn handlangers verschanste.  Dit bracht een gedeeltelijke ontvolking mee van Raverschoot ten gunste van Eeklo.
Cirkelvormige sporen van de dubbele mote van de versterking Raverschoot zijn vanuit de lucht te zien in de velden achter de vervallen hoeve, die een restant is van het 'buitengoed' van ridder Stroo, een Eekloos burgemeester uit de 19de eeuw.

De Keure van Eeklo en Lembeke, in 1240 verleend door gravin Johanna, dwong de heren van Maldegem tot afstand van gronden over de zogenaamde Molengracht, een waterloopje dat verdween door het graven van de Lieve.  Hierdoor ontstonden langdurige betwistingen, zodat het plaatsen van grenspalen tussen Ambacht en Keure geen overbodige luxe was.  Dichtbij het 'Stadhuis van Raverschoot' is nog zo een grenspaal te zien.

Enkele kilometer naar het noorden lag de 'stede van Balgerhoucke' (Balgerhoeke = balg + were + hoek, wat wijst op een zakvormige afsluiting in het water).
Van Balgerhoeke liep een rechte dreef naar de leengoederen Hof te Praat en Malecote, afhankelijk van de Burg van Brugge, die mettertijd één geheel gingen vormen.  Het belang van het hof van Malecote bij de rijksweg N9 blijkt uit zijn bouwvallige toegangspoort en de sporen van vroegere omwallingen.  De grachten werden gespijsd door de Beke, die van het dorp kwam.

Er waren nog meer belangrijke ontginningscentra in Adegem.  Van het goed ter Heyden, een leengoed van de Burg van Brugge, met eigen rechtspraak, is de laatste hoeve, daterend uit de 18de eeuw, nu gesloopt.  De hoeve Altena, bij Veldekensbrug, eigendom van het Sint-Janshospitaal, was een centrum van ontginning in het moergebied ten zuidwesten van Eeklo.  Plassendale bestond reeds in 1340, de naam kan verwijzen naar de veenplassen die ontstonden bij de turfuitgraving.

Tot het einde van de 18de eeuw behoorde Adegem bij het Ambacht Maldegem.  Het had er twee afgevaardigden in het College van Schepenen.  Vanaf 1800 had Adegem zijn eigen bestuur; pas in 1864 kreeg het een eigen gemeentehuis, tegelijk schoolhuis.  Dankzij het proces door kanunnik Andries gewonnen tegen het Sint-Janshospitaal kon in 1874 een hospice gebouwd worden.  Het werd toevertrouwd aan het bestuur van de zusters van Maria en Jozef uit Geraardsbergen, die in Adegem in 1892 een klooster bouwden.

Adegem is spreekwoordelijk bekend als 'Adegem buiten de wereld'.  Aan de basis hiervan ligt de legende (voor het eerst vermeld in 1858 door August Van Acker in de Eecloonaar), als zou de pest die in 1349 heel Vlaanderen teisterde enkel Adegem gespaard hebben.  Buiten Adegem zag alles er zwart en verdord uit...
Adegem lag anders niet zo erg buiten de wereld.  Er was de verbindingsweg van Maldegem naar Eeklo over Raverschoot, en 'den breeden wech' van Maldegem over Adegem naar Balgerhoeke en verder naar Eeklo.  De verste uithoeken van de parochie lagen wel zes tot zeven kilometer van de kerk verwijderd.  De notabelen van Adegem hadden in 1781 wel moeite - allicht om de centen - om hun toestemming te geven om de weg naar Eeklo te laten 'calseyden', mits "sy hebben de boven ende nederlieve om alles naer brugghe en naer ghent te vertransporteren".  De 'kasseien' zijn er toch gekomen.

In december 1867 telde Adegem 3430 inwoners.  Er was een stokerij, een bierbrouwerij en drie windmolens.  Adegem bleef lang zijn agrarisch karakter behouden, hoewel de 'vooruitgang' ook hier hard toesloeg en er maar weinig mooie boerderijen overblijven.

De ligging aan het Schipdonkkanaal maakte Adegem kwetsbaar in beide wereldoorlogen.  Balgerhoeke en Malecote werden telkens hevig beschoten en beschadigd, tientallen Belgische soldaten sneuvelden er.  Het vliegveld in Adegem-Maldegem was in 1940-44 geregeld het doelwit van aanvallen.

Bezienswaardigheden

Sint-Adrianuskerk
De parochie behoorde vanaf haar stichting tot de dekenij van Aardenburg, die deel uitmaakte van het bisdom Doornik.  Het kapittel van Harelbeke was hier de belangrijkste tiendheffer.  In 1539 ging de dekenij over naar het bisdom Brugge, vanaf 1802 kwam ze onder Gent.
De voornaamste bezienswaardigheid in Adegem is de gerestaureerde toren van de kerk uit de 12de eeuw, een zeldzaam gaaf overblijfsel van de Romaanse bouwkunst in het Meetjesland.

Het Romaans torentje van de kerk van Adegem
Het Romaanse torentje in Adegem

De oorspronkelijke kerk werd gebouwd in de 12de eeuw.  Het moet een mooi kerkje geweest zijn, met een koor naar het oosten georiënteerd, dus vóór de huidige ingang.  Halfweg de 19de eeuw stond het er zeer bouwvallig bij.  Architect Minard uit Gent kreeg in 1842 de opdracht tot verbouwing.  Men wist de Romaanse toren naar waarde te schatten, evenals de gevel van het zuidelijke transept, waarin een stuk bouwgeschiedenis af te lezen valt.  De torenvoet is vierkantig, boven de daken wordt hij achthoekig. Acht blindnissen, aanzettend boven de eerste waterlijst, waarin telkens nog drie kleine rondboogjes, geven hem zijn typische uitzicht.  Een hoog en ruim kerkschip in neo-romaanse stijl, nu met het koor naar het westen, werd tegen het torentje aangebouwd.  De wanverhouding is duidelijk, maar belangrijk is dat de Romaanse toren behouden bleef.  De veldstenen voorgevel, weggeborgen achter de rode bakstenen voorgevel met driehoekig fronton, zullen we nooit meer te zien krijgen.

De kerk - op 6 juli 1849 geconsacreerd door bisschop Delebecque - is toegewijd aan de H. Adrianus en de H. Godelieve.  Vandaar dat er rond de kerk in 1897 een Godelieve-ommegang gebouwd werd met zes kapellen.  Bij het verwijderen van het kerkhof (1981) werden in een afsluitende muur grafzerken van overleden pastoors aangebracht.  Typerend voor de volksdevotie is de Calvarieberg uit 1890 rechts van de ingang, uit het atelier van Matthias Zens in Gent.

Het neoromaanse interieur is sober, maar stemmig.  In het portaal van de kerk bevinden zich enkele oude grafzerken van belangrijke families.  In het kerkschip hangen wapenborden van graaf De Grunne en ridder Lagasse de Locht; zij behoorden tot de 83 Belgische soldaten die op 25-26 mei 1940 aan het Schipdonkkanaal sneuvelden.
Het hoofdaltaar - een portiekaltaar met een beeld van de H. Adrianus - werd in 1860 geschonken door Ridder Stroo van Eeklo.  Links zien we het O.-L.Vrouwaltaar, een portiekaltaar met een schilderij van Jozef Pauwels van Gent, voorstellend 'O.-L.-Vrouw overhandigt het ordekleed aan de H. Simon Stock'.  Het Lievevrouwebeeld is werk van de Adegemse houtsnijder Serafien Goethals.  Het rechterzijaltaar van Sint-Hubertus heeft een schilderij uit 1848 van Theodoor De Heuvel.  De meeste glasramen zijn geschonken door parochianen.
De kruisweg is van J. Haeren en dateert van 1838.  De in onbruik geraakte doopkapel bezit een doopvont uit 1662, nog afkomstig van de oude kerk.  De toren is een beschermd monument (3 juli 1942), evenals het zuidelijke transept en de westmuur (28 mei 1962).

Kruisweg, Oosteinde
Op de wijk Oosteinde treft men een kruisweg aan in het open veld, bestaande uit dertien kapellen met beeldengroepen van Matthias Zens.  Hij werd in 1904-05 opgericht.

Canadese Militaire Begraafplaats, Prins Boudewijnlaan
Adegem is bekend om de jaarlijkse herdenkingsplechtigheid op de Canadese Militaire Begraafplaats, die telkens gehouden wordt op de tweede zondag van september.  Meer dan duizend soldaten hebben er hun laatste rustplaats.  Vooral Canadezen, gesneuveld in oktober-november 1944 bij de bevrijding van Zeeuws-Vlaanderen, maar ook een aantal Britten en Polen liggen hier begraven.  De gesneuvelde Polen worden herdacht op de zondag na Allerzielen.

Bron: de uitstekende «Streekgids Meetjesland» gepubliceerd in 1998 door Natuur en Landschap Meetjesland vzw.


De Canadese Begraafplaats in Adegem heeft ons werkelijk gegrepen.  We hebben er dan ook een hele webstek aan gewijd met hier voor iedere zerk minstens één foto.

In Adegem vindt men ook het hoofd­kwartier en de bouw­plaats van de mach­tige E-Crane.  Deze hijstuigen zijn een technologisch wonder omwille van o.a. hun evenwicht en zuinigheid.  Onze bewondering voor de E-Crane vindt u hier (in English) en we raden u natuurlijk ook aan de offciële web­stek van het bedrijf te bezoeken.

Bekende Adegemnaars ?
Seraphien Foré was er één, een kunstenaar.  U kan hier in tijdschrift «Ons Meetjesland» meer lezen over hem.
Noël Foré was in zijn tijd bekend voor iets heel anders.  Hij werd geboren in Adegem op 23 december 1932.  Hij was een professionele wielrenner van 1956 tot 1968.  Hij won o.a. Paris-Roubaix, Gent-Wevelgem en de Ronde van Vlaanderen.  Hij is overleden in Gent op 16 februari 1994.
Enige jaren geleden vertrok Bob Van de Kerckhove naar Cremona, de stad van de Stradivarius.  Hij is wereldberoemd voor de muziekinstrumenten die hij daar bouwt en herstelt.  U kan hier in Taptoe, het Meetjeslands weekblad meer lezen over hem.  Op zijn webstek vertelt Dottore Van de Kerck­hove zelf (in English) wat u kan doen om op zijn wacht­lijst te komen indien u wenst dat hij voor u een instrument bouwt.

Wie op de hoogte wil blijven van de gebeur­tenissen in en rond Adegem heeft heel veel geluk want op Adegem.net vindt hij dat en dan nog heel wat meer.  Over de geschie­denis van het dorp (buiten de wereld), over het Meetjes­land, over de Verenigde Vrienden, over het nabije Damme, tegen het verbreden en verknoeien van het Schip­donk­kanaal enz...  Om maar niet te spreken over de oude post­kaarten in hun digitaal archief, over Pol Veirman, over Oigems schrijven, over...  Als we niet oppassen zijn we weer vertrokken voor een hele lijst.  De mensen van Adegem.net verdienen al sedert vele jaren een summa cum laude aanbeveling.

De top van deze blz
Meer foto's van Adegem
Onze Meetjesland homepage
Tijdschrift «Ons Meetjesland»
Doorzoek onze Meetjesland webstek !
The Meetjesland (in English)

MijnPlatteland homepage

Meest recente bijwerking :  24/12/2016


Aalter
Adegem
Assenede
Balgerhoeke
Bassevelde
Bellem
Belzele
Bentille
Boekhoute
Donk
Doornzele
Eeklo
Ertvelde
Evergem
Hansbeke
Kaprijke
Kerkbrugge-Langerbrugge
Kleit
Kluizen
Knesselare
Landegem
Lembeke
Lotenhulle
Lovendegem
Maldegem
Merendree
Middelburg
Nevele
Oosteeklo
Oostwinkel
Overslag
Poeke
Poesele
Rieme
Ronsele
Sleidinge
St.-Jan-in-Eremo
St.-Kruis-Winkel
St.-Laureins
St.-Margriete
St.-Maria-Aalter
Ursel
Vinderhoute
Vosselare
Waarschoot
Wachtebeke
Waterland-Oudeman
Watervliet
Wippelgem
Zelzate
Zomergem