Uit tijdschrift "Ons Meetjesland", 1969, 2de jaargang, nr. 3

De Kluizenarij te Papinglo
 

In de kerstvakantie bracht ik een bezoek aan de tentoonstelling «Vier eeuwen Discalsen» in het Karmelietenklooster te Gent.

Onder de vele zeldzame drukken en handschriften bemerkte ik een plattegrond, die mijn bijzondere belangstelling opwekte.  Het betrof hier «een plan figuratif van het veldt genaemt Papingloo», verdeeld in 100 partijen om «publicquelijck te worden vercheijst voor 99 jaren.»  Het was getekend door de «landt ende edificemeters» Jacques André Reyniers en Jean François Maes in het jaar 1780.

Wat de geschiedenis van Papinglo betreft, beschikken we over het degelijk werk van G. De Smet en D. Verstraete: «De proosdij van Papinglo te Maldegem-Kleit.» (Maldegem, 1951).

Op blz. 49 vermelden de auteurs dat Prins de Lobkowitz, bisschop van Gent, van keizerin Maria-Theresia de toelating bekwam om Papinglo verder te ontginnen. De bisschop liet ook een kaart tekenen waarop de heide in 100 delen verdeeld werd. Vermoedelijk was de plattegrond op de tentoonstelling een kopij van de kaart die op last van Prins de Lobkowitz getekend werd.

Tot hiertoe dus geen nieuwe feiten.

Minder bekend is wel dat de Karmelieten zinnens waren een kluizenarij op te richten in het oude Papinglo.

In de kataloog van de tentoonstelling «Vier Eeuwen Discalsen» (Gent, 1968) vonden we daarover volgende gegevens:

Om haar kontemplatief ideaal beter te kunnen beoefenen, richtte de Karmelorde verschillende kluizenarijen (ook woestijnen of ermitages genoemd) in, waar de paters in de eenzaamheid konden bidden, boeten, mediteren en werken.

In België werd de eerste kluizenarij gesticht te Marlagne (bij Namen) in 1619.  In 1665 werd de Belgische Ordesprovincie der Discalsen verdeeld in een Waalse en een Vlaamse provincie.  Voor deze laatste werd in 1689 een nieuwe kluizenarij opgericht te Nethen (ten zuiden van Leuven, aan de rand van het woud van Meerdaal).  In 1761 besloot het Generaal Kapittel de Flandro-Belgische ordesprovincie verder te splitsen in een Brabantse en een Vlaamse provincie.

Deze laatste, die geen eigen woestenij bezat, mocht over zes cellen in de ermitage te Nethen beschikken.  Dit voldeed echter niet en men ging op zoek naar een eigen kluizenarij.  De keuze viel op Papinglo.  In 1793 richtte P. Leonardis vanuit het convent te Brugge een aanvraag tot Mgr. Brenart, bisschop van Brugge, voor het stichten van een kluizenarij te Papinglo in navolging van Nethen en Mariagne.  Dit werd toegestaan.

Op de tentoongestelde kaart werden reeds zeven partijen (van de honderd) gereserveerd voor de kluizenarij.  Ze waren gelegen in de onmiddellijke omgeving van de boerderij.

De Franse revolutie kwam echter de uitvoering van dit project verijdelen.  De ermitage te Papinglo is er nooit gekomen...

G.D.V.

Separator

Naar de top van deze blz.

Inhoudstafels
1968 - 1969 - 1970 - 1971 - 1972 - 1973 - 1974 - 1975 - 1976 - 1977 - 1978 - 1979 - 1980 - 1981 - 1982 - 1983 - 1984 - 1985 - 1986

Welkomblz van tijdschrift "Ons Meetjesland"
Doorzoek «Ons Meetjesland»!

MPL-logo

Copyright notice


Meest recente bijwerking: 27 March 2018