Uit tijdschrift "Ons Meetjesland", 1970, 3de jaargang, nr. 1

De Diligence
Aardenburg-Maldegem

Bij mijn laatste bezoek aan het archief te Aardenburg vestigde de archivaris, de heer G. Van Vooren, mijn aandacht op het "Weekblad voor Zeeuwsch-Vlaanderens Westelijk Deel", dat in juli 1875 voor het eerst verscheen en uitgegeven werd door J.J. Vrolijk te Aardenburg.

In dit weekblad, waarvan de eerste jaargangen bijna volledig bewaard worden in het archief te Aardenburg, vond ik heel wat interessante documentatie op heemkundig gebied.

Mijn beste dank aan de heer Van Vooren, die mij rustig heeft laten pluizen in die vele bladzijden, waaruit ik dan de gegevens verzameld heb voor het schrijven van dit artikeltje.

Herhaalde malen, ja tot vervelens toe, wordt door de hoofdredacteur van het «Weekblad», de heer G.A. Vorsterman van Oyen(1), geklaagd over de achteruitstelling van «'t land onzer inwoning», zoals hij West-Zeeuwsch-Vlaanderen noemt.

Soms gebeurt dit zeer beeldrijk, getuige volgend citaat:

«Overigens heeft ons landje veel van de koe die voortdurend gemolken wordt en maar moet zien, hoe zij aan den kost komt» (nr. 11).

Ook de verkeersproblemen in West-Zeeuws-Vlaanderen komen geregeld in 't nieuws. Geniet even met me mee van de sarcastische beschrijving van de postwagen die de dagelijkse dienst Breskens-Sluis verzekert: «Langs den steenweg van Breskens naar Sluis vice-versa rolt dagelijks een bak van onbeschrijfbaren vorm, waarvoor men een stijven knol in voortdurenden draf ziet voort bewegen; boven dien bak steekt het hoofd uit van den voerman, soms in gezelschap van een passagier, die zich aan al de ellenden van het weer wil blootstellen, om zoodoende een gulden of vier op de reis van Sluis naar Breskens te sparen.»(2)

Die rollende bak met die edele rosinante(3) en dien voerman zijn de vertegenwoordigers van de Koninklijke Nederlandsche Posterijen. Stond het er niet op, men zou 't rijtuig aanzien voor de equipage van iemand, die wil rijden, maar wiens financiën het eigenlijk niet toelaten.

Bij de grootste kou, zoowel als bij de felste hitte, bij zonneschijn en bij regen, bij wind en hagelslag, kortom bij alle mogelijke onaangename nukken van het weer rijdt dat machien zonder kap van Sluis naar Breskens en van Breskens naar Sluis» (nr. 12).

In nummer 17 van het «Weekblad» wordt nog gepennetwist over het traject van een eventuele spoorlijn in West-Zeeuws-Vlaanderen, maar een week later verschijnt op de eerste bladzijde volgend laconiek bericht in rouwband:

De spoorwegnet is aangenomen en
Zeeuwsch-Vlaanderen's Westelijk deel
is vergeten.

Nu er toch (voorlopig) geen spoorweg komt, worden plannen gesmeed om de bestaande verbindingen uit te breiden en te verbeteren.

Uit de kroniek «Van onze Correspondenten» (nr. 20) lichten we volgend bericht:
«Aardenburg. 8 Nov.  Heden had alhier eene vergadering plaats van ingezetenen dezer gemeente om te spreken over de oprichting van een diligencedienst op Maldeghem. Na veel heen en weerpraten werd bepaald dat men degenen, die de laagste eischen stelde zou ondersteunen, door voor hem eene subsidie aan te vragen zoowel aan het Gemeentebestuur te Maldeghem als te Aardenburg.»

Men laat er geen gras over groeien. Een week later wordt nog even op de kwestie teruggekomen en in het volgend nummer (nr. 22) verschijnt onder het nieuws uit Aardenburg reeds een mededeling dat de gemeenteraad op 19 november een subsidie toekent van f 470 aan L. Murijn (verder vinden we ook nog Mureijn gespeld), voerman te Aardenburg, ten einde een diligencedienst te ondernemen van Aardenburg naar Maldegem en vice-versa.

Deze subisidie zal nog met dertig gulden verhoogd worden, als de voerman gedurende de maanden mei, juni, juli, augustus en september 's zondags eenmaal naar Maldegem rijdt.

(In die tijd had een gulden een waarde van ongeveer twee Belgische frank).

In hetzelfde blad verschijnt nog een berichtje uit Maldegem, waaruit blijkt dat de Maldegemse gemeenteraad een subisidie gestemd heeft van «150 fr. jaarlijks voor een diligencedienst van Maldegem op Aardenburg vise-versa».

Nu is het wachten op de toelating van hogerhand.

Een paar maand later is het toch zover.

De eerste stoomtram Maldegem-Breskens.
(Foto uit de verzameling van A. Ryserhove, Knesselare).

Op 31 januari 1876 (nr. 31) lezen we in ons "Weekblad» :
«Aardenburg. Door den minister is aan L. Mureijn alhier vergunning verleend tot het oprichten van een postwagendienst tusschen Aardenburg en Maldegem.
Weldra deelen wij dienaangaande nadere berichten mede.»

Zoals blijkt uit volgende advertentie (nr. 37) kan op 2 maart 1876 de diligencedienst Aardenburg-Maldegem starten:

DILIGENCEDIENST
tusschen
AARDENBURG en MALDEGHEM VICE-VERSA.

Deze dienst wordt geopend:
Donderdag den 2en Maart.

Kantoor te Aardenburg bij L. MURIJN
aan de Kaaipoort.

Vertrekt te Maldeghem van het station van den spoorweg.

Vertrek van Aardenburg. 

Maandag 6 1/2 v.m.
Dinsdag 6 1/2 v.m. 12 1/2 n.m.  
Donderdag 6 1/2 v.m.
Vrijdag 6 1/2 v.m. 11 1/2 v.m.
Zaterdag 6 1/2 v.m. 11 1/2 v.m.  

van Maldeghem.

2 1/2 n.m.
9 v.m. 6 n.m.
2 1/2 n.m.
9 v.m. 6 n.m.
9 v.m. 6 n.m.

TARIEF van VRACHTGOEDEREN

Kilogram en daar beneden  ..................... 10 Cts.
1 tot 5 Kilogram  .................................... 15 Cts.
en voor elke 5 of gedeelte van 5                          
Kilogram meer  ........................................ 5 Cts.

Passagiers hebben 5 Kilogram bagage vrij en betalen voor het meerdere de helft van de vrachtprijzen.

Meer dan 75 K.G. mag niet vervoerd worden.
 

In het nummer van 8 mei (nr. 45) vinden we de dienstregeling lichtjes gewijzigd. Uit Maldegem wordt telkens om 8 1/2 uur vertrokken, in plaats van om 9 uur. De reden is wellicht niet ver te zoeken, want we noteren: "In deze uren worden die veranderingen gebracht, welke noodzakelijk gevolg zijn van de veranderingen in de uren van vertrek en aankomst van den spoorweg Gent, Eecloo, Brugge.»(4)

Het tarief voor reizigers, dat we in de eerste advertentie niet aantreffen, wordt hier ook vermeld nl. 35 cent per persoon; heen en terug 60 cent.

De aanvullende subsidie van 30 gulden schijnt de heer L. Murijn ook niet te versmaden.  We lezen immers: «In de maanden Mei, Juni, Juli, Augustus en September rijdt de wagen op aan te kondigen uren des Zondags.»

Een paar weken later (nr. 47) vinden we daar meer nieuws over:

«Wij vestigen de aandacht op de gelegenheid om Zondags middags ten twaalf ure per diligence van hier naar Maldegem te vertrekken.  Men heeft alsdan al den tijd om uit Maldegem naar Gent of Brugge te bezoeken en kan daar blijven tot des avonds 7 uur, aangezien de diligence eerst ten acht ure weder uit Maldegem vertrekt.»  De spoorverbinding van Maldegem met Brugge en Gent (5) moet op de Zeeuws-vlamingen een grote aantrekkingskracht uitgeoefend hebben en heel wat klanten opgeleverd hebben aan voerman Murijn.

In een ingezonden brief (nr. 82) wordt zelfs een nieuwe en goedkope reisweg tussen Vlissingen en Aardenburg aangeduid. Over de duur van de reis wordt echter in alle talen gezwegen.

Ter illustratie laten we die brief gedeeltelijk volgen:

«En wat is nu het geval, wanneer ik van hier uwe woonplaats wil bezoeken ?  Dan denk ik er niet meer aan om naar Breskens over te steken en verder per as naar Aardenburg te rijden. Dit is mij veel te duur en te unheimisch.  Voor een karretje met één paard, waarin ik mij, vooral in dezen tijd, aan de ongemakken des winters vind blootgesteld, betaal ik niet minder dan f 5, (een besloten rijtuig kost f 9, zoo het al te bekomen is.)  Daarom neem ik mijne reis over België sints Aardenburg er eene diligence op nahoudt, die tweemaal daags op het spoor te Maldegem rijdt.  Dan reis ik niet slechts veel minder onaangenaam, maar vooral ook veel minder duur.  Bijna betaal ik daarvoor juist de helft van hetgeen ik aan kosten voor de reis over Breskens betalen moet.  Het schijnt ongeloofelijk, en toch men rekene.

Van Vlissingen naar Breskens (eerste kajuit) ...................................
Een karretje van Breskens naar Aardenburg ...................................
Fooi aan den koetsier ...................................................................
f -,75
f 5,-
f -,25
_____

Zamen   

f 6,-
En nu van Vlissingen naar Neuzen (eerste kajuit) ............................
Per spoor (tweede klasse) van Neuzen naar Selzaete ............. fr. 1,-
Van Selzaete naar Eecloo .................................................... fr. 1,40
Van Eecloo naar Maldegem ................................................. fr. -,55
f 1,50

________
fr. 2,95 =

_____
f 1,39

Diligence van Maldegem naar Aardenburg ......................................... f  -,35

Zamen  

f 3,24»

Tot daar onze vindingrijke inzender.

Of er veel gebruik gemaakt werd van die ingenieuze reisweg, durven we toch betwijfelen.

Het reizen met de postwagen moet toch niet altijd erg aangenaam geweest zijn.  In een lezersbrief uit Yzendijcke (nr. 62) regent het klachten:

«Men moet niet al te vrijgevig zijn door bv. de diligences te laten vertrekken en aankomen naar believen der Heeren ondernemers of conducteurs.  Bij de daartoe betrekkelijke concessies is voor den overtocht van Yzendijke naar Eecloo, en omgekeerd, 2 1/4 uur, en voor die van Yzendijke naar Breskens, en terug, 1 1/2 uur toegestaan.  Wie onzer, die van die vervoermiddelen meermalen heeft gebruik gemaakt, kan zeggen, dat hij slechts éénmaal den overtocht in die tijdruimte heeft volbracht ?  Wie, onder de reizende dames vooral, is soms niet vies geweest, zich in het rijtuig neder te zetten of bevreesd om door de gebroken ruiten een koutje te vatten, of eene valling op te doen, zooals velen zich uitdrukken ?   Wie niet bang is, dat de overbeladen kap op zijn hoofd zou instorten ?  Wie, die somwijlen niet verlegen was in aanraking te zullen komen met het onaangename vocht van het vee, dat op den kap geladen werd ?  Wie heeft niet getranspireerd als hij ingeladen was op de wijze zoo als men in Vlaardingen gewoon is zulks te doen ?»

Die klachten betreffen echter de diligence van Yzendijke. Over de nieuwe verbinding tussen Aardenburg en Maldegem, niets dan goeds.  In het jaaroverzicht van 1877 (nr. 79) wordt ze zelfs speciaal vermeld:

«De postwagendienst van Maldegem op Aardenburg werd, dank zij de welwillende medewerking van de daarbij betrokken gemeentebesturen, geopend en werkt tot nu toe met den gunstigsten uitslag.»

Hoe lang de postwagens tussen Aardenburg en Maldegem blijven bollen zijn, heb ik nog niet met zekerheid kunnen achterhalen.  We weten echter wel dat op zaterdag 7 mei 1887 de tramlijn Breskens-Maldegem ingehuldigd werd. (6)

Die stoomtram zal ongetwijfeld het einde betekend hebben van de oude, trouwe diligence.

G.D.V.

____________________

(1) Georges Auguste Vorsterman Van Oyen, geb. op 11 juli 1836 te Gilze-Rijen (Noord-Brabant).
Werd in 1860 schoolhoofd aan de M.U.L.O.-school te Aardenburg, later ook lesgever in de landbouwkunde en gemeente-archivaris te Aardenburg.
Vurig verdediger van de openbare volksschool en van de liberale gedachte. Zeer actief op velerlei gebied.
Schreef o.a. een tiental werken over wiskunde; ook handboeken over land- en tuinbouw; schoolboeken; brochures over staatkundige kwesties en onderwijsproblemen. Eén titel wil ik de lezer niet onthouden: «Honderd schoolmeesters, negenennegentig gekken.»
Onder zijn geschiedkundige werken vermelden we :
«Berenning van Aardenburg in 1672», «Het archief te Aardenburg», «Rechtsbronnen der stad Aardenburg».
Ook zeer bedrijvig als journalist: medewerker aan: «Weekblad voor Zeeuwsch-Vlaanderens Westelijk Deel», «De Middelburgsche Courant», «Vooruit ! Weekblad voor school en huis».  Na zijn opruststelling in 1901, werd hij nog lid van de Provinciale Staten (1906), lid van de gemeenteraad te Aardenburg (1907) en twee jaar later op drieënzeventigjarige leeftijd lid van de Tweede Kamer !
Hij overleed te Aardenburg op 8 augustus 1915.  Gedenkteken op het Marktplein te Aardenburg.
J.N. Pattist schreef een «Levensbericht van G.A. Vorsterman Van Oyen», waaraan bovenstaande gegevens ontleend werden. Terug naar de tekst
(2) Het gebruik van een huurrijtuig kostte ongeveer vier gulden méér dan het reizigerstarief voor de postwagen. Terug naar de tekst
(3) Rosinante = rossinante = versleten paard, genoemd naar het paard van Don Quichotte. Terug naar de tekst
(4) In nr. 3 van het «Weekblad» vonden we volgende dienstregeling:
Maldeghem-Brugge: 6.15, 8.-, °10.20, 1.55, 4.50, °6.05, 7.50
Maldeghem-Gent: °8,-, 9.50, 1.15, 3.15, °4.35, 7.30
Die met ° geteekend zijn sneltreinen 1e en 2e klasse. Terug naar de tekst
(5) Op 16 november 1862 werd te Maldegem de spoorlijn Eeklo-Maldegem-Brugge ingehuldigd. Terug naar de tekst
(6) Gabriël De Lille, in «Maldegem in beeld en schrift» (deel IV, blz. 34). Terug naar de tekst

Separator

Naar de top van deze blz.

Inhoudstafels
1968 - 1969 - 1970 - 1971 - 1972 - 1973 - 1974 - 1975 - 1976 - 1977 - 1978 - 1979 - 1980 - 1981 - 1982 - 1983 - 1984 - 1985 - 1986

Welkomblz van tijdschrift "Ons Meetjesland"
Doorzoek «Ons Meetjesland»!

MPL-logo

Copyright notice


Meest recente bijwerking: 27 March 2018