Uit tijdschrift "Ons Meetjesland", 1972, 5de jaargang, nr. 1

Herbergen opgericht te Eeklo
tussen 1820 en 1830 (3)

Patersstraat :
De Sterre, 13/11/1820. Nijs Jan Francies opent aan de westzijde van de Patersstraat, in het nieuw gebouwde huis van Jan Baptist Verdick een herberg. Sektie E nr 1059.
In 1822 vinden we hem terug op de Markt.  Het «waarom» van zijn vroegtijdig sluiten vinden we meer gedetailleerd terug onder bijlage 2.

De Zilveren Pluym (penne), 25/4/1822.  Na de uitwijzing van Nijs (zie voorgaande) werd de herberg overgenomen door Bernard Bruggeman.   Voordien herbergier in de Molenstraat, in een drankhuis met dezelfde titel.

De Hertog van Wellington, 5/5/1823.  Gestimuleerd door de goede gang van buurman Bruggeman's zaken opende Spittael Joannes (een 3-tal huizen van voornoemde) eveneens een herberg.  Sektie E nr 1056.

Den Bonten Os, 19/6/1823.  Naast het beroep van beenhouwer staat Van de Genachte Benedictus eveneens achter de tapkast, dit op de westhoek van de Patersstraat en de Zuidmoerstraat.  Sektie E nr 1044a.

De Schietspoel, 21/4/1825.  Op een 2-tal huizen van «Den Bonten Os» beproeft Pieter Goethals, wever-herbergier eveneens zijn kans.  Sektie E nr 1047.
Beide voorgaande benamingen tonen ons nogmaals aan hoe nauw het beroep de mensen aan het hart lag.  Zowel de beenhouwer als de wever houden eraan hun benaming te putten uit hun beroepsterminologie.

In de Vier Gekroonden, 9/5/1825. Aan de oostzijde van de Patersstraat tegenover «De Zilveren Pluym» opent Standaert Petrus een herberg, sektie E nr 1017e.

St-Sebastiaan, 25/5/1827. Kloeckaert Antonia ging zich vestigen in het huis tussen «Den Bonten Os» en «De Schietspoel». Aldus kregen we drie herbergen naast elkaar.

De Kroon, 17/5/1830. Evenals de voorgaande ging Plasschaert Gillis zich vestigen tussen twee herbergen. Het zijn respectievelijk «De Zilveren Pluym» en «De Hertog van Wellington».

Pokmoer :
De Gouden Kroon, 27/4/1829. Dyserynck Pieter, die tevoren woonde in Waarschoot, wenst in de woning, eigendom vande heer Bovyn, aan de westzijde vän de grote baan leidend van Eeklo naar Waarschoot, een herberg te openen.

Prinsenhofstraat :
Het Prinsenhof, 31/10/1822. Uitbater was hier Pieter De Vos. Vermoedelijk kreeg deze herberg later de meer bekende benaming «Het Boerenholn.

Raamstraat :
De Geluwe pluym, 20/5/1820. Jan Baptist Van Haecke wenst in het «Krommewalstraetje» een herberg te openen, sektie D nr 192. Hedendaags zijn die huisjes verdwenen, ze stonden noord van de Stads meisjesschool.
Op 6/5/1824 wordt de herberg overgenomen door Dominicus De Haeck en dezelfde benaming blijft behouden.

De Graaf Olivier, 7/7/1825. Herbergier: Verbrugge Johan, gevestigd sektie D nr 186.  De huizen werden later opgeslorpt bij de bouw van de melkerij Stassano.

Het Boerken, 5/5/1828. Herbergier Joannes De Groote heropent de van ouds zo genoemde herberg, sektie E nr 795.

De Nachtegael, 6/5/1820. Dagloner-herbergier Francies Van Overberghe opent een herberg in het huis gelegen sektie E nr 776. De hedendaagse herberg «De Nachtegaal» mag niet vereenzelvigd worden met de hier behandelde; eerstgenoemde bevond zich tegenover de nu bestaande.

Raverschootstraat.
Het hof van Commerce, 24/9/1827.  Johan De Busschere, wonend in een nieuw gebouwd huis aan de noordkant van Raverschoot...  In de bevolkingsregisters vinden we hem terug in één der laatste huizen van de wijk Raverschoot.  Wij mogen hieruit besluiten dat het de hedendaagse herberg «In het Stadhuis van Raverschoot» betreft !

Brug over het Leiken
Brug over het Leiken en herberg «Het Motjen» te Eeklo vóór 1910.
Prentkaart uit de verzameling van André Verbeke, Gent (afstempeling 14/9/1909).

Zuidmoerstraat :
De Gouden Kop, 3/5/1821.  Herbergier Pieter Laerebeke, voordien wonend op het Schuttershof, erfde het huis van Frans Antoine Van de Poele, aan de noordzijde van de «Suydmoerstraete».  De herberg was gevestigd tussen de Kaaistraat en de St-Theresiameisjesschool, sektie E nr 952bis.

Steenweg naar Gent.
De Nieuwe Afspanning, 22/11/1827.  Joannes Baere neemt de herberg over van Pieter Francies De Groote (zie: Oosteindeken,  «In de Fonteine» ).

Teerlingstraat :
De Truweel, 25/8/1827.  Uitgebaat door Livin De Lancker.  Vermoedelijk aan de zuidzijde van voornoemde straat, tussen de Prinsenhofstraat en de Boelare.

Trekweg:
Het Motjen, 24/5/1821.  Bleker-wasser-herbergier Baele José vestigde zich op het kruispunt van de Leikensweg-Dullaert-H. Consciencestraat, sektie F nr 698.

Vlamingstraat.
Boerinneken, 27/4/1826.  Pieter Braedt neemt de herberg over van Pieter Tourny, maar «moet» de oude benaming blijven behouden.  Gelegen aan de noordzijde van de straat, sektie E nr 1236/3bis.

Zilverstraat :
Princenhof, 18/3/1830.  Waarschijnlijk weinig fantasierijk, nam Beelaert Francies de naam over van een nabijgelegen herberg (zie: Prinsenhofstraat).  De herberg bevond zich aan de noordzijde van de straat, op een viertal huizen van de hoek Zilverstraat-Prinsenhofstraat, sektie E nr 492.
De Olijfboom, 18/3/1830.  De aanvraag gebeurde gelijktijdig met de voorgaande.  Toeval ?...  Of was de uitbater, die Beelaert voorafging, zich nu een paar huizen verder gaan vestigen ?...
De herberg was gelegen aan de zuidzijde van de straat, daar waar tot vóór een paar jaar het makelaarskantoor De Neve gehuisvest was.

Besluit:
Wij willen geenszins beweren dat dit artikel mag aanspraak maken op een absolute volledigheid.  Wèl hebben wij getracht — uit de voorhanden zijnde bronnen — een maximum aan gegevens te putten.

Wij kunnen vaststellen dat:
— Het aantal nieuw opgerichte herbergen, tussen 1820 en 1830, 103 beloopt.
— Het aantal herbergiers in 1825, oude en nieuwe, 72 bedraagt.
— Dit aantal herbergiers in 1830 teruggelopen is tot amper een vijftigtal.

Waaruit wij mogen besluiten dat:
— Er heel wat herbergiers waren die in een tijdsverloop van tien jaar twee- en driemaal een herberg openden.
— De levensduur van de meeste nieuwe herbergen veelal miniem was; sommige bestonden niet langer dan 1 à 2 jaar.
— Het bijna over het algemeen die herbergen waren, welke reeds van vóór 1820 bestonden en van ouds beklant waren, die ook na de wilde race van de twintiger jaren het hoofd boven water hielden.

ERIK DE SMET.

BIJLAGEN
Dat sommige herbergen ook toen reeds de zorgenkinderen van onze politie waren en de gedragingen van de mensen in de grond niet zoveel veranderden, blijkt vOidoende uit de onderstaande teksten (Hollandse tijd) van Bijlagen I en II.


      Bijlage I.
Politie

WAERSCHOUWINGE

Den commissaris van de politie der stad Eecloo, met veel ongenoegen ondervinden de dat in veel herbergen en kroegen de zoogenaemde herbergkermissen, ofschoon hun zulks nooit toegestaen word, als onder de voorwaerden van strictelijk de wetten der goede politie te observeeren, veelen zig verstouten om hoelang hoe meer tegen alle orders in, de zelve te overtreden, hunne huizen tot laet in den nagt, ja zelve tot bij den morgen open te houden en voor een paer te tappen, waerdoor zij naturelijk oorzaek zijn van veele ongeregeldheden van disquten, vechteriën en baldadigheden door dronkarts langs de straete gepleegd worden de, zoo met vloeken, tieren, schreeuwen en geweld te maeken, waerdoor de burgers in hunne ruste gestoord worden. Ja, zelf zig verstouten brutaliteyten aen de huyzen der vreedzaeme burgers te pleegen met kloppen en bellen aen de deuren, en dus veele van de brooddronkene jongheid zig zoodoende te buiten gaen, dat zulks niet langer door de politie kan geduld worden. Uyt dien hoofde word ider herbergier of kroeghouder bij deezen aengezegd, dat voortaen, aen niemand van hun, wie hij ook zijn zal, toegestaen worden om op zondagen en hoogefeestdagen, zoodanig kermissen te houden, daertoe zoogenaemde meye aen of voor hunne huizen eenige andere teeken van kermis uit te steeken, of speelmans te houden, zullende de zelve ordelijk geweerd worden.
Verder, wanneer in bijzondere gevallen op vrije dagen, zulks zal eens meer toegestaen, zullen zij nog gehouden zijn te zorgen dat hunne huizen zullen gesloten zijn en niet meer getapt en worde na het uer bij de wet bepaeld, op pene van agtervolgd te worden, ingevolge den wetboek der misdaeden en straffen.
Alvoorens deeze waerschouwing te doen zal aen den heer meyer der stad des zelfs approbatie hierop verzogt worden en na de zelve bekomen te hebben, zal hiervf1n een gelijkvormige gezonden worden aen den officier commandant der marechaussées alhier, met invitatie om voor patrouilles, benevens onze veldwagters, daerop nauwkeurig te waeken.


      Bijlage II.
Politie

Sluyting eener herberg.

Bron: Schepencollege Eeklo — Zitting 26-7-1821.
Burgemeester en schepenen der stad Eecloo,
Gehoord het rapport van den heer commissaris van politie wegens de ongeregeltheden welke ter herberg en wooning van Jan Frans Nijs, woonende in het Paterstraeljen binnen deeze stad, gepleegt worden;
Overwegende dat gemelden Jan Frans Nijs menigmael zich heeft verstout van in tegenstreving van het besluit van den voor deezen heer prefect van den 15 genninal jaer 9, zijne herberg gedurende den nacht open te houden, en drank te verkoopen;  Dat hij dies aengaende verscheyde berispingen heeft gehad, dat hij zelfs voor zulks voor de rechtbank van enkel politie is gecondemneert geweest;
Dat volgens rapport er menigmael ten zijnen huyze des nachts tusschen de lieden die aldaer toegelaeten worden en wel namelijk tusschen den nacht van 22 en 23 dezer maend, grooten twist is ontstaen waerdoor de geheele gebuert is ontroert ende vreedzame burgers van hunne rust berooft zijn geweest;
Dat aldaer ongeregeltheden gepleegt worden die nadeelig zijn aen de goede zeden en strekken tot verderf der jongheyd; Overwegende dat het hoogst noodzakelijk is maetregelen te nemen om de verdere buytenspoorigheden te beletten en de rust en veyligheyd van de goede omwoonders te bevoorderen;
Gezien het art. 58 van het stedelijk reglement, die het bestuer en oppertoezigt over al het geene de gewoone policie aengaet, opvraegt aen het collegie der regeering; Gezien eyndelijk de wet van den 6 maert 1818;

Besluyten het gene volgt:

art. 1. Het word aen gemelden Jan Frans Nijs geordonneerd van op het ontvangen dezer zijne herberg provisionneel tot nader order te sluyten.
art. 2. Hij zal gehouden zijn van seffens het uythangberd of teeken zijner herberg in te trekken.
art. 3. De overtredingen aen de bovengemelde bepalingen zullen gestraft worden met eene boete van één tot zeven guldens, of een gevangenis uyterlijk van dry dagen, het zij afzonderlijk ofwel beyde straffen te samen genomen.
art. 4. Copei dezes zal aen den heer commissaris van politie deezer stad overgemaakt worden, die er de uytvoering van zal bewaken.

Eecloo, den 26 july 1821.

Bijlage III.

UITTREKSELS AANGAANDE VOLKSSPELEN IN DE STAD EEKLO.

— Bron: Schepencollege Eeklo - Zitting 19-6-1823.
Het collegie gezien de rekwest van P.J. Moortgat, herbergier op de groote baan leidende van Eecloo naar Balgerhoeke, daarbij vragende van op het stuk land regt over zijne wooning eene gaaipers te mogen plaatsen om aldaer de oefening met de handboog te laten verrigten.
Is besloten de toestemming te vergunnen, mits de gaaipers te plaatsen op eenen afstand van ten minsten 80 ellen van de groote baan, en van 60 ellen van de straat leidende naar de Krekelmuit...
—  Bron: Schepencollege Eeklo - Zitting 1-2-1824.
De Heeren Serafien Ryffranck en Bernard Bouts ingezetenen dezer stad compareren in zitting en verzoeken de toestemming om eene gaaiperche te mogen plaatsen op het zogenaamde Oud Schuttershof, ten einde aldaar van tijd tot tijd eenige oefening met den handboog te mogen doen...
— Bron: Schepencollege Eeklo - Zitting 17-3-1824.
Jan Baptist Vanzuyt, wonende in de Meulestraet, vraagt om gaaischieting te mogen houden achter zijn huis en prijsvogels te laten schieten...
— Bron: Schepencollege Eeklo - Zitting 21-11-1820.
Gezien de requeste aen hun, door Jean Albert Cornand, herbergier deezer stad gedaen, ten einde te mogen de toestemming verkrijgen om op zondag 24 deezer, naer de goddelijke diensten, ten zijne huize en bijvang op te regten eene prijswinning met de bol.
Overwegende dat er geene redenen bestaen om de vraeg niet toe te stemmen:

Besluyten :

Het is aen gezegden jan Albert Cornand toegestaen op bovenvermelde date eene prijswinning met de bol op te regten, op voorwaerde nogtans dat hij zig schikke naer de in voege zijnde wetten en verordeningen voor de regeltugt deezer stad.


Bijlage IV.

In onderstaande tabellen werden al de herbergiers van Eeklo opgenomen zoals zij voorkomen in de bevolkingsregisters van de stad, voor de jaren 1825 en 1830. Volledigheid is onmogelijk, vermits enkele herbergiers wellicht onder hun nevenberoep vermeld werden en gezien sommige herbergen een zo kortstondig bestaan kenden, dat zij niet eens in de registers werden opgenomen.

1825 1830
Kerkstraat
Dyselinck pieter
Couttenier karel
Van Hoorebeke pieter
 
Markt
Huyghe bernard
De Praet jan-baptist
Van de putte ignatius
Steyaert marie theresia
    (wed. Cornand)
De hulsters august
Nijs jan francies
Plasschaert gillis
De Smet jacobus
De Raedt pieter
De Keyser antoine
Kloeckaert jacoba
    (wed. D'hondt)
Lippens pieter
 

Piro francies
De Raedt felix
Van de putte ignatius
Steyaert marie theresia
    (wed. Cornand)
De hulsters august
Van de vijver pieter jan
Plasschaert gillis
De Smet jacobus
De Raedt pieter
De Smet judocus
Cloeckaert jacoba
    (wed. D'hondt)
De Bruycker johan
Oosteindeken
Mestdagh johan
Regelbrugge pieter
D'hont engel
Mariman joannes
Van de voorde ignaas
De Groote francies
Standaert pieter
Van Laerebeke pieter
 

D'hont Angelus
Lippens pieter
Mariman joannes
Raamstraat
Verbrugge johan
wed. Van Acker
Van overberge pieter
Kaai
wed. Van de putte jacob
Wulgaert richardos
 

Van de putte antoine
Wulgaert richardos
Kaaistraat
Vervaet johan
 
Patersstraat
Spittael jan baptist
Van de Walle francies
Standaert pieter
 

wed. Spittael jan baptist
Bruggeman bernard
Verhé karel
Hondekotstraat
Dryoel bonaventura
Jolie johannes
Baudts bernardus
Beyn jacob
De poorter jacob
Van de genachte jan

Dryoel bonaventura

Baudts bernardus
Beyn jacob

Van de genachte jan
Vlamingstraat
De Keyser antoine
 

Braet pieter jacob
Zandstraat
Braet jacob
 
Cocquytstraat
De Rycke pieter
De Meyer pieter
Van de genachte bernard
 
Spriet
Ottory jan baptist
 
Brugschestraat
Keirsbilck pieter
Braet jan
Braedt pieter
 

Keirsbilck pieter
wed. De Neve august
Braedt pieter
Molenstraat
Van Zuyt jan baptist
D'hont pieter
Bauwens Karel

Van Zuyt jan baptist
De Poorter jacob francies
Bauwens Karel
Gamage francies
Tourny pieter
Bernaert maximiliaan
 
Boelare
Staelens karel
Steyaert jacob
Steyaert jan
Lampaert bernard
Piro francies
 

Andries bernard
Steyaert jacob
Teynckinck francies louis
Teerlingstraat
De Lancker livin
Prinsenhofstraat
Cornand johan
 

Cornand jan albert
Raverschootstraat
Van Waegenberghe johan
De Busscher johan
 

Safijn jacob francies
wed. De Busscher
Blakstraat
Van Overberghe johan
Van de houwe cornelis
 
Balgerhoeke
De Decker pieter
Moortgat pieter jan
Clyncke karel
Haegeman august
 

Wijngaert karel
Klyncke karel francies
Boterhoek
Verheecke pieter
 
St-Jans-goed
De Haeck jan francies
 

De Haeck francies
Blommekens
Verzeldert albert
 

Verzeldert albert
Roze
De Keyser Engel
 
Vrombautstraat
Sommel bernard
 
Oostveld
Van Overberghe francies
Pauwels jan baptist
 

Van Overberghe francies
Baere johan
Zuidmoerstraat
Van laerebeke pieter
 
Nieuwendorpe
Nys bernardus
Ruckaert johan
 
Pokmoer
Dyserinck pieter
 

Separator

Naar de top van deze blz.

Inhoudstafels
1968 - 1969 - 1970 - 1971 - 1972 - 1973 - 1974 - 1975 - 1976 - 1977 - 1978 - 1979 - 1980 - 1981 - 1982 - 1983 - 1984 - 1985 - 1986

Welkomblz van tijdschrift "Ons Meetjesland"
Doorzoek «Ons Meetjesland»!

MPL-logo

Copyright notice


Meest recente bijwerking: 27 March 2018