Het Meetjesland in het noorden van Oost-Vlaanderen This page in English

Waarschoot

Oppervlakte: 2191 ha; inwoners: 8038.

Naam: de vroegste vermeldingen luiden Waerscote (1253) en Waerscot (1330).  De naam komt van het Germaanse 'wardo' (= wacht, hoede) + 'skauta' (= beboste hoek zandgrond uitspringend in moerassig terrein).

Sint-Ghislenuskerk
Sint-Ghislenuskerk

Ontstaan en geschiedenis

Waarschoot ligt in de Vlaamse Vallei die gedurende de laatste ijstijd, zowat 120.000 jaar geleden, opgevuld werd met quartair dekzand.  De eerste menselijke sporen dateren uit de periode 10.000-7.000 vůůr Chr.  Waarschoot zelf is ontstaan op een gaffelvormige schoot, een beboste hoek zand uitspringend boven een moerassige omgeving.  Op die schoot ont­stond de dorpskern en op het centrale punt bouwde men later de kerk.  Voor de rest lag Waarschoot totaal ingesloten door grote moerasgebieden en bossen: in het westen aan­slui­tend bij Eeklo (de Westmoer, het latere Leen) en in het oosten de Oostmoer (nog steeds bestaande straat- en wijknaam).  Eťn derde van het grondgebied bleef de gehele Middel­eeuwen door overdekt met bossen, wat meebracht dat de eerste dorpsgemeenschap zeer geÔsoleerd was van de omringende dorpen.

Vanaf de 13de eeuw kwam de ontginning volop op gang, wat resulteerde in de eerste vermeldingen van een aantal grote hoeven, zoals het Goed te Breebroek, het Goed ten Brakel (beide op de Stuiver) en het Vennegoed (dichtbij het huidige station).  Ook kwam er ontsluiting via het aanleggen van twee bevaarbare waterlopen: de Lieve in het zuiden en de Burggravenstroom in het noorden, die beide een verbinding vormden met Gent.  In 1244 werd Waarschoot dan door de beslissing van Walter van Marvis, bisschop van Doornik, afgescheiden van de moederparochie Zomergem.

De Lieve bij Beirtjensbrug
De Lieve bij Beirtjensbrug

Een volgende belangrijke mijlpaal in de Waarschootse geschiedenis was de oprichting van een cisterciŽnzer-priorij.  In 1444 kreeg Simon Utenhove, Gents poorter en baljuw van Eeklo, de toelating van de bisschop van Doornik om met eigen middelen een klooster­gemeenschap op te richten op de afgelegen gronden van het toenmalige Jagerpad.  Na de inwijding van de kapel in 1448 begonnen een handvol monniken met het uitbaten en ontginnen van de uitgestrekte bos- en moerasgronden ten noorden van de abdij.  Het is de priorij echter nooit echt voor de wind gegaan.  In het begin waren er aanslepende con­flic­ten met de nabije 'concurrerende' parochie, en in de loop van de 16de eeuw werd zij door doortrekkende Franse troepen tweemaal in de as gelegd.  De heropbouw verliep moeizaam, en in 1662 vestigde de kloostergemeenschap zich definitief in Gent en verpachtte de eigen­dommen aan plaatselijke landbouwers.

De 16de en 17de eeuw waren trouwens in het algemeen voor Waarschoot vrij donkere jaren.  Er waren in eerste instantie de godsdiensttroebelen die o.a. leidden tot de ver­woes­ting van de parochiekerk in 1580, en in 1683 werd Waarschoot door Franse troepen bij wijze van militaire executie volledig in brand gestoken.

Pas in de wat rustiger 18de eeuw zien we de bevolking stijgen van 3000 naar meer dan 5000 zielen in 1795.  De agrarische sector was toen nog wel de belangrijkste, maar om te over­leven gingen zich steeds meer arme gezinnen toeleggen op de huisweverij: op het einde van de 18de eeuw leefden 440 gezinnen uitsluitend van de lijnwaadweverij.  Die kan dan ook gezien worden als de voorloper van de latere textielindustrie want in de loop van de 19de eeuw werd zij volledig vervangen door de mechanische katoenweverij.  Een verdere industrialisering van deze textielnijverheid bracht ook de oplossing voor de grote voedsel­crisis van 1845-1848 die ook in Waarschoot hevig woedde.  Meer dan de helft van de actieve bevolking was aangewezen op noodhulp.

Nadien vertoont het welvaartspeil echter een gestage groei, met een toename van de alfabetisering van de bevolking, een uitbreiding van de textielindustrie en een uitbouw van de dienstensector.  Na de Tweede Wereldoorlog ontwikkelde Waarschoot zich tot een semi-industriŽle gemeente, die op de top van haar economische bloei meer dan 3000 mensen tewerkstelde.

Huidige toestand

Ondanks de semi-industrialisering en de ontsluiting via twee belangrijke verkeersaders (de spoorweg Gent-Eeklo en de N9 die Waarschoot doormidden snijdt) heeft deze gemeente toch haar landelijk karakter bewaard, dankzij de groene gordel rond de vrij uitgebreide dorpskern.  Alhoewel de landbouwers in aantal sterk afgenomen zijn, bewerken zij toch nog steeds een groot deel van de open ruimte rond Waarschoot.  Vooral het noorden van de gemeente is wat betreft natuurschoon nog van een uitzonderlijke waarde, met de Kwade Bossen als uitloper van het Lembeekse bosbestand.  Ten westen vormt Het Leen met de aanpalende landbouwgronden een groene buffer tegen het verstedelijkte Eeklo.  Tussenin ligt het gebied dat vroeger werd geŽxploiteerd door de priorij en nog enkele mooie res­tan­ten bevat van de vroegere bos- en moerasgordel die pas in de loop van de 19de eeuw beetje bij beetje door de landbouw ingenomen werd.  In het zuiden is het jaagpad langs de gesaneerde Lieve vervangen door een comfortabel fietspad, waarvan vele recreanten gretig gebruik maken om het hele traject te bewandelen of af te fietsen van Stoktevijver tot Lovendegem-Bierstal.

Voormalige priorij, het zgn. Rattenkasteel
Voormalige priorij, het zgn. Rattenkasteel

De druk van het groeiend inwonersaantal (ongeveer 8000) werd opgevangen door een aantal nieuwe woonwijken te plannen binnen de open ruimten van de dorpskern, die nu echter toch geleidelijk dreigt volgebouwd te worden.  De teloorgang van de textielindustrie in het bijzonder, en de economische crisis in het algemeen, hebben er voor gezorgd dat er vanuit deze hoek geen verdere druk gekomen is op de open ruimte.  Toch is er nu sprake van een nieuwe ambachtelijke zone in de Kapellestraat.  Die zou wel belastend kunnen zijn voor de natuurgordel in het noorden.  De vleeswarenfabriek Ter Beke en enkele kleine KMO's zorgen voor een belangrijke plaatselijke werkgelegenheid.  Toch pendelt een belang­rijk deel van de bevolking voor werk naar de Gentse kanaalzone of andere industrie­gebieden.  Aldus is Waarschoot steeds meer geŽvolueerd naar een leef- en woon­ge­meen­schap, met een sterk uitgebreid sociaal-cultureel leven.

Bezienswaardigheden

Sint-Ghislenuskerk
Oorspronkelijk was dit een ťťnbeukig gotisch kerkje, dat kort na 1250 gebouwd werd.  Het werd herhaaldelijk uitgebreid en verbouwd, zodat het uiteindelijk breder geworden is dan lang (45 m bij 35 m).  De massieve toren, type 'westtoren', dateert van 1393 en is sinds 1936 als monument beschermd.
De kerk heeft een rijk patrimonium met als belangrijkste stukken: een houten preekstoel, gebeeldhouwd door Jan Van Daele in 1666, een houten communiebank (1732) met prachtig snijwerk van H. Pulinx, twee lindehouten beelden van Petrus en Paulus (1875), en enkele belangrijke schilderijen, waaronder 'De Lanssteek' (1657) van Robert Jolyen de 'Heilige Familie' van Gaspar de Crayer (1584-1669).

Kerk Sint-Jozef, Bellebargie
Deze hulpkerk werd in 1958 gebouwd door architecten Langaskers en Dryhoel.

Rattenkasteel, Jagerpad
Dit is de volksnaam van het tot een ruÔne vervallen priorshuis van de vroegere priorij Onze-Lieve-Vrouw ten Hove (15de-17de eeuw).  Het is het laatste overblijfsel van het cisterciŽnzerklooster, in 1444 gesticht door de Gentse patriciŽr Simon Utenhove.

Kasteel van de Dam, Dam 44
Ten noorden van het dorp, op de Dam of 'Eecloodam', in wat ooit eens een moerassig gebied was, staat het niet-toegankelijke neorenaissancekasteel van de familie de Hemptinne.  Het werd in 1900 gebouwd en vervangt een landhuis van ca. 1840 van de familie Verviers, die er enkele jaren voordien 160 ha domaniale bossen aangekocht had.  Daarbij horen ook nog een hoveniershuis en een neerhof.

Oude boerderijen
Over heel de gemeente verspreid staan enkele prachtige boerderijen die hun oorsprong hebben in de 13de-eeuwse ontginningsperiode: het geklasseerde Goed Ten Zoetendale (op de Stuiver), het Begijnegoed, het Hof Wenemaer, het Goed ten Akker, het Grote Goed te Voorde, het Goed de Koude Keuken, het Vennegoed, het Goed ten Breebroeck, het Goed te Brakel en het Goed te Diependale.

Station
Het station

19de-eeuwse herenhuizen
Vooral in het dorpscentrum, maar ook erbuiten, bevat Waarschoot nog enkele restanten van de rijkdom van de gegoede burgerij uit de vorige eeuw: zo o.a. de twee geklasseerde herenhuizen in de Kerkstraat (nr. 2 en 4), de oude pastorij (Kerkstraat 7), kasteel De Schepper (Schoolstraat 5) en het er recht tegenover gelegen voormalige brouwershuis Wallyn (Schoolstraat 6), Kasteel De Saegher (Schoolstraat 45), textielfabriek (Hoekje) en het station (Stationsplein 10).

Paul Van den Bossche
 

Op 1 januari 2014 stond de bevolking van Waarschoot op 7.878 zielen, 3.911 mannen en 3.967 vrouwen.

In het tijdschrift ęOns MeetjeslandĽ verscheen een artikel over het Rattenkasteel van Waarschoot. Hier kan u daarover meer lezen.

Bron: de uitstekende ęStreekgids MeetjeslandĽ gepubliceerd in 1998 door Natuur en Landschap Meetjesland vzw.

De top van deze blz
Meer foto's van Waarschoot
Onze Meetjesland homepage
Tijdschrift ęOns MeetjeslandĽ
Doorzoek onze Meetjesland webstek !
The Meetjesland (in English)

MijnPlatteland homepage

Meest recente bijwerking :  01/03/2015


Aalter
Adegem
Assenede
Balgerhoeke
Bassevelde
Bellem
Belzele
Bentille
Boekhoute
Donk
Doornzele
Eeklo
Ertvelde
Evergem
Hansbeke
Kaprijke
Kerkbrugge-Langerbrugge
Kleit
Kluizen
Knesselare
Landegem
Lembeke
Lotenhulle
Lovendegem
Maldegem
Merendree
Middelburg
Nevele
Oosteeklo
Oostwinkel
Overslag
Poeke
Poesele
Rieme
Ronsele
Sleidinge
St.-Jan-in-Eremo
St.-Kruis-Winkel
St.-Laureins
St.-Margriete
St.-Maria-Aalter
Ursel
Vinderhoute
Vosselare
Waarschoot
Wachtebeke
Waterland-Oudeman
Watervliet
Wippelgem
Zelzate
Zomergem