De oude Napoleonist
Uit tijdschrift «Ons Meetjesland», 1973, 6de jaargang, nr. 2

DE OUDE NAPOLEONIST

of
HET LEVENSVERHAAL VAN LEOPOLD HUUGHE
OPGETEKEND DOOR JULIUS EGO



INLEIDING.

«De Oude Napoleonist», het verhaal dat wij hier voor het eerst publiceren, werd geschreven door Julius Ego, met het oog op de viering te Bassevelde in maart 1891 van de honderdjarige Leopold Huughe.  De toekomstige eeuweling stierf echter zes weken voor zijn honderdste verjaardag en het verhaal werd nooit uitgegeven.

I. DE AUTEUR VAN «DE OUDE NAPOLEONIST» :  JULIUS EGO.

Julius Ego werd te Assenede geboren op 11 december 1858 als zoon van Ivo-Leo Ego en Colette De Backer.  Het gezin telde zeven kinderen.  Julius Ego liep school te Assenede en behoorde er waarschijnlijk tot de beste leerlingen.

Toen Charles De Walsche (Boekhoute 3 januari 1860 - Bassevelde 23 december 1943) te Bassevelde een vrije jongensschool oprichtte, werd Julius Ego er niet gediplomeerd hulponderwijzer.

Vóór deze vrije jongensschool door de gemeenteraad in zitting van 20 december 1884 werd aangenomen, bestonden er te Bassevelde nog een gemeentelijke jon­gens- en meisjesschool.  Toen de hoofd­onder­wijzer van de gemeentelijke jongens­school Thomas De Ceuster op pensioen werd gesteld, besloot de gemeenteraad in dezelfde zitting van 20 december 1884 de gemeentelijke jongens­school af te schaffen en het gering aantal leerlingen dat deze school bijwoonde en dat steeds maar verminderde, met hun hulponderwijzer, de niet gediplomeerde Bruno Van de Velde, onder te brengen in een lokaal van de gemeentelijke meisjesschool. p; (1)  Deze meisjes­school met haar personeel, bestaande uit de juffrouwen Stephanie Sophie de Wispelaere, hoofdonderwijzeres, en haar zuster Pauline Coleta de Wispelaere, hulponderwijzeres, bleef behouden, maar daar er nu ook jongens binnen de muren waren kreeg de school de naam van gemengde gemeenteschool.  Juffrouw Stephanie Sophie de Wispelaere nam er het bestuur van waar.

De gemeentelijke jongensschool was trouwens niet de enige school die in dat jaar door de gemeenteraad werd afgeschaft.  In de gemeenteraad van 4 oktober 1884 was reeds de gemeentelijke bewaarschool opgeheven, die in 1880 was opgericht en waarvan achtereenvolgens Leopoldine Dandenaert en Juliana Eemans de leiding hadden; in dezelfde zitting was ook de school voor volwassenen die in de winter van 1865 door De Ceuster en zijn hulponderwijzer Bruno Van de Velde was opgericht, afgeschaft.(2) Dit alles was het gevolg van het nijpend geldgebrek waarmee de gemeente in die jaren te kampen had.

Het supprimeren van de gemeentelijke jongensschool en het oprichten van een gemengde gemeenteschool viel niet overal in goede aarde: de provinciale inspecteur schreef op 19 januari aan de gouverneur: «cette situation n'est pas régulière et présente de sérieux inconvénients»(3).  De volksvertegenwoordiger Callier ging zelfs zo ver in de kamer tijdens de zitting van 12 februari 1885 het gemeentebestuur van Bassevelde in opspraak te brengen door te verklaren: «Eh bien, le conseil communal de Basseveld (sic) supprime tout, bien que 50 pères réclament le maintien des écoles».  Waarop de burgemeester Van de Wattijne vlug een brief schreef aan de gouverneur waarin hij de toestand van het gemeenteonderwijs duidelijk uit de doeken deed.(4)

Alle moeilijkheden waren daarmee nog niet van de baan: op het einde van het schooljaar 1885 gingen de juffrouwen de Wispelaere met pensioen.  De hulp­onder­wijzer Bruno Van de Velde maakte toen tijdelijk alleen het onderwijzend personeel uit.  Het gemeentebestuur, daartoe aangespoord door de inspectie, besloot in de gemeente­raads­zitting van 12 september 1885, de in 1884 aangenomen school van Charles de Walsche te vervangen door de gemeenteschool «op uitdrukkelijke voorwaarde dat de beide hulponderwijzers Ego (die dus van bij het begin bij de Walsche had gewerkt) en Van de Velde, alhoewel niet gediplomeerd, hun be­trek­king behielden en alzoo hun rechten bekomen, als reeds deelmakende van het onderwijs, niet zouden verliezen, en beide zouden kunnen blijven voorzien in de noodwendig heden van hun huisgezin, als beide getrouwd zijnde.  Hunne jaar­wedden wierden dusdanig bepaald door dezen raad, en onder die voorwaarden, wierd de aangenomene school vervangen door eene gemeenteschool met behoud der onderwijzers in hunne vroeger rechten»(5).  Juffrouw Stephanie De Sutter, op wacht jaarwedde gestelde hulponderwijzeres der afgeschafte bewaarschool werd aangesteld voor het aanleren van het handwerk.

De aangehaalde overeenkomst bevatte voor de niet gediplomeerde hulp­onder­wijzer Julius Ego, die dus van het vrij onderwijs naar het gemeente­onderwijs overstapte, nog een venijnige clausule.  In het gemeenteraadsverslag van 12 september 1885 lezen wij immers dat "de heer Jules Ego binnen het jaar, het noodig diploma zal zien moeten te verkrijgen.» Hij was dus slechts ten voorlopigen titel benoemd, met een jaarwedde van 1.100 fr. «alle bijwinsten inbegrepen».  Artikel 8 der wet van 20 september 1884 bepaalde immers dat de onderwijzers aan een gemeenteschool een diploma moesten bezitten afgeleverd door een normaalschool (het hoefde niet meer zoals in de wet van 1879 bepaald was een diploma van een staatsnormaalschool te zijn) of door een jury hiervoor door het gouvernement samengesteld.  De andere hulponderwijzer van de gemengde gemeenteschool(6) Bruno Van de Velde, bezat weliswaar ook geen diploma, maar werd in de gemeenteraadszitting van 19 november 1885 toch zonder moeilijkheden benoemd.  Waarschijnlijk kon hij als verworven rechten doen gelden, dat hij steeds in het gemeenteonderwijs werkzaam was geweest.

Toen Julius Ego een jaar later aan het examen nog niet had deelgenomen, werd het een heen en weer schrijven tussen het gemeentebestuur en de arrondis­sements­kommis­saris, die er steeds maar op hamerde dat de heer Ego het examen tot het bekomen van het diploma van hulponderwijzer moest afleggen of anders moest vervangen worden.  De gemeenteraad replikeerde dat de Minister van Binnenlandse Zaken en Openbaar Onderwijs in 1884 de vrije jongensschool, waar Julius Ego eerst hulp­onder­wijzer was, had toegestaan en dat Ego dus reeds in die tijd als hulp­onder­wijzer wettig was erkend(7).  Op 1 mei 1887 nam Ego dan deel aan het examen, maar slaagde niet.  Hij richtte een nieuwe aanvraag tot deelname voor de komende zittijd.  De arron­disse­ments­kommissaris liet echter niet af.  Het gemeen­tebestuur bleef aandringen om Ego in dienst te mogen houden: het herinnerde de arrondissementskommissaris aan het feit dat de vrije school van De Walsche slechts vervangen was geworden door de gemeenteschool «à la condition formelle que le personnel enseignant qui était bon et approuvé passerait à l'école communale: aujourd'hui on ne respecte pas la convention tacite intervenue» en verder noemde het de houding van de overheid tegenover Julius Ego inconsequent: «Durant 5 à 6 ans, il était très capable : même vis-à-vis de l'inspection, quand notre école était adoptée.  Aujourd'hui non seulement il ne l'est plus, mais on veut lui enlever de quoi subvenir au besoin de sa jeune femme et de sa famille»(8).  Julius Ego nam waarschijnlijk geen tweede maal aan het examen deel.  De pogingen van de gemeenteraad om hem te behouden, leverden niets op.  Op 30 november 1887 besloot de raad in zijn vervanging te voorzien.  Op 28 december 1887 werd Gustaaf Charpentier, geboren te Wachtebeke en wonende te Zelzate als hulponderwijzer benoemd.

Ondertussen had Julius Ego dus te Bassevelde een gezin gesticht.

Hij was er op 23 oktober 1886 gehuwd met Louise Pladet, geboren te Bassevelde op 19 januari 1858 als dochter van Louis en Octavie Bourgoy; zij overleed te Bassevelde op 17 juni 1939.  Zij hadden drie dochters.  Na zijn ontslag moest Ego, om in het onderhoud van zijn gezin te voorzien, naar nieuw werk uitkijken: hij werd klerk bij notaris August-Marie Van de Wattyne (Gent 1836 - Bassevelde 1896), vervolgens bij notaris Benoit Van de Steene aan 1 frank per dag en tenslotte om zich financieel te verbeteren, bij notaris Leon de Coornbyter aan vijf frank per dag.  Daarna werkte hij voor eigen rekening als verzekeringsagent.  Hij overleed te Bassevelde op 10 september 1924.

Het sociale leven te Bassevelde had ook zijn belangstelling: zo was hij secretaris van de Maatschappij van Onderlinge Bijstand "De Werklieden kring» en ontvanger van het weldadigheidsbureel.  In deze funktie zou hij nader in kontakt komen met onze Napoleonist Leopold Huughe.  Tenslotte om alle vrije tijd te vullen was hij ook correspondent van Bassevelde voor de «Gazette van Eecloo» en «'t Getrouwe Maldeghem».
 

II. «DE OUDE NAPOLEONIST» :  LEOPOLD HUUGHE.

Na de auteur van «De Oude Napoleonist» te hebben voorgesteld, willen wij hier even stilstaan bij de held van het verhaal zelf.  Zijn leven zal men uitgebreid beschreven vinden in het verhaal van Julius Ego: wij dachten echter dat het voor de lezers uit Bassevelde en voor de lezers genealogen van «Ons Meetjesland» interessant zou zijn iets meer te vernemen over de herkomst van de familie Huughe.

Het opstellen van deze beknopte stamboom was mogelijk dank zij de medewerking van de Heer Carlos Vande Voorde die ons bereidwillig zijn nota's ter beschikking stelde.  Alle ontbrekende gegevens over geboorte, huwelijk en overlijden, wijzen er op dat deze gebeurtenissen buiten Bassevelde hebben plaats gevonden, daar alle parochieregisters van Bassevelde van 1612 tot 1805(9) werden geklapperd.  Deze klappers zijn nog in handschrift.

I. HUYGHE JACOBUS.  Geboren rond 1660.  Overleden te Bassevelde op 11 juni 1705.  Huwde met van Watteghem Maria.  Hun plaats van herkomst konden we niet achterhalen.  Zeker is dat zij zich pas na 1685 in Bassevelde hebben gevestigd, daar de geboorte van hun eerste kind niet voorkomt in de geboorteregisters van Bassevelde, maar wel zijn overlijden in 1690.  Zij hadden tien kinderen:

  1. Jacobus.  Geboren in 1685.  Overleden te Bassevelde op 28 januari 1690, 4 jaar en 4 maanden oud.
  2. Martinus.  Geboren te Bassevelde op 8 november 1688 en er overleden op 28 november 1688, 17 dagen oud.
  3. Maria.  Geboren te Bassevelde op 3 oktober 1689 en er dezelfde dag overleden.
  4. Jacoba.  Geboren te Bassevelde op 3 oktober 1689 en er dezelfde dag overleden.  Tweelingszuster van 3.
  5. Jacobus.  Geboren te Bassevelde op 21 januari 1691 en er overleden op 6 mei 1704, 13 jaar oud.
  6. Carolus.  Zie onder II.
  7. Judoca.  Geboren te Bassevelde op 12 november 1695.
  8. Anthonius.  Geboren te Bassevelde op 21 januari 1698 en er overleden op 17 juni 1711, 14 jaar oud.
  9. Jacobus.  Geboren te Bassevelde op 22 november 1701 en er overleden op 8 juni 1724, ongehuwd, 23 jaar oud.
  10. Livinus.  Geboren te Bassevelde op 25 februari 1704 en er overleden op 5 maart 1748.  Huwde met Oton Joanna, overleden te Bassevelde op 28 december 1739, 29 jaar oud.
     

II. HUUGHE CAROLUS.
Geboren te Bassevelde op 10 juni 1693 en er overleden op 5 maart 1738.  Hij huwde driemaal:

1e te Bassevelde op 25 mei 1720 met Joanna Maria Van Bockstael.

2e circa 1723 met Isabella Francisca De Vos vermoedelijk uit Tielt.  Zij overleed kort na de geboorte van haar zesde kind (08 januari 1738), daar haar man bij zijn dood op 5 maart 1738 reeds vermeld staat als echtgenoot van Le Duc Isabella.  Uit dit tweede huwelijk werden 6 kinderen geboren.

  1. Franciscus Carolus.  Geboren te Tielt op 11 maart 1724, in levensgevaar gedoopt door de vroedvrouw(10); overleden te Bassevelde op 20 januari 1782; barbier.  Hij trouwde in Bassevelde op 8 mei 1750 met Buysse Petronilla Theresia, geboren te Bassevelde op 13 februari 1731 en er overleden op 26 juni 1786.  Uit dit huwelijk werden tussen 1751 en 1776 elf kinderen geboren.
  2. Jacobus Carolus.  Zie onder III.
  3. Livinus.  Geboren te Bassevelde op 22 augustus 1729 en er overleden op 31 mei 1731, 22 maanden oud.
  4. Joanna Catharina.  Geboren te Bassevelde op 16 maart 1732.
  5. Joannes Baptistus Emanuel.  Geboren te Bassevelde op 23 maart 1735 en er overleden op 2 september 1741, 6 jaar oud.
  6. Ferdinandus.  Geboren te Bassevelde op 8 januari 1738.

3e rond februari 1738 met Le Duc Isabella Maria, geboren te Bassevelde op 23 november 1699.
 

III. HUUGHE JACOBUS CAROLUS.  Geboren te Tielt op 12 januari 1727, ca. 4 u. in de morgen.  Peter: de edele heer Jacobus van Zijpe "dit Coolput».  Meter: Carolina Theresia de Vos.(11)  Schoenmaker.  Hij huwde driemaal:

1e te Bassevelde op 27 februari 1753 met Joanna Maria Buysse, geboren te Bassevelde op 18 oktober 1718 en er overleden op 6 december 1753.  Twee zonen van Carolus Huughe (zie 11) waren dus met twee zusters Buysse getrouwd.  Uit dit huwelijk werd één dochter geboren.

  1. Petronilla Theresia, geboren te Bassevelde op 31 oktober 1753 en er overleden op 27 juli 1778.  Zij was ongehuwd.

2e te Bassevelde op 3 februari 1754 met Joanna Maria Roeis, geboren te Bassevelde op 7 september 1729 en er overleden op 26 oktober 1780.  Uit dit tweede huwelijk werden de volgende kinderen geboren:

  1. Joannes Baptistus, geboren te Bassevelde op 13 december 1754.
  2. Dominicus, geboren te Bassevelde op 30 maart 1756 en er overleden op 31 januari 1794.  Was eerst gehuwd met Maria Theresia Fedry, vervolgens trouwde hij te Bassevelde op 31 mei 1791 met Joanna Van den Fonteyne, geboren te Bassevelde op 30 september 1742.
  3. Sebastianus, zie onder IV.
  4. Isabella, geboren te Bassevelde op 21 januari 1761 en er overleden op 8 februari 1765.
  5. Petrus Joannes, geboren te Bassevelde op 7 maart 1764.

3e te Ertvelde op 7 augustus 1781 met Alberta Van de Voorde, geboren te Ertvelde op 20 december 1756 en er overleden.  Uit dit huwelijk werd nog een kind geboren:

  1. Bernardus, geboren te Bassevelde op 26 mei 1782.
     

IV. HUUGHE SEBASTIANUS.  Geboren te Bassevelde op 20 januari 1758 en overleden te Lembeke op 15 augustus 1820.  Schoenmaker en rundslachter.  Hij trouwde tweemaal:

1e te Bassevelde op 27 april 1779 met Elisabeth Joanna De Boey, geboren te Doel in 1752 en overleden te Bassevelde op 6 april 1808.  Zij hadden negen kinderen:

  1. Jacobus Carolus.  Geboren te Bassevelde op 13 februari 1780.  Schoenmaker.  Hij trouwde met Francisca Sienack uit Assenede.  Verschillende van hun kinderen stierven zeer jong.
  2. Monica.  Geboren te Bassevelde op 21 maart 1782 en er overleden op 21 augustus 1860.  Werkvrouw.  Trouwde er op 24 juni 1817 met Antonius Vervenne, werkman, geboren te Sint-Laureins.
  3. Maria Theresia.  Geboren te Bassevelde op 7 mei 1784.  Huwde met De Vrieze Franciscus, houtzager, geboren te Bassevelde op 20 januari 1780.
  4. Bernardus Norbertus, geboren te Bassevelde op 20 februari 1786.
  5. Angelus Franciscus, geboren te Bassevelde op 6 maart 1787 en er overleden op 11 juli 1795.
  6. Petrus Joannes.  Geboren te Bassevelde op 11 jan. 1789.
  7. Leopold.  Zie onder V.
  8. Casimus.  Geboren te Bassevelde op 7 augustus 1793.
  9. Victoria.  Geboren te Bassevelde op 11 oktober 1797 en er overleden op 22 augustus 1841.

2e te Lembeke in 1810 met Joanna Judoca van Kerkhove, weduwe met tien kinderen van Karel Van Wattegem, koster van Lembeke.  Sebastianus Huughe verliet toen Bassevelde en vestigde zich te Lembeke.

  1. Een kind geboren uit dit huwelijk, Bruno genaamd, stierf te Bassevelde op 14 april 1811, 3 maanden oud.
     
Leopold Huughe, geboren te Bassevelde de 3 maart 1791 en er overleden
de 18 januari 1891, in de ouderdom van 99 jaar 10 maand en 14 dagen.
 Deze tekening van de kandidaat-honderdjarige is genaamtekend «J. Ego».
Verzameling van Mevr. S. Van Zele.

V. HUUGHE LEOPOLD.  Zijn levensloop zal men uitgebreid kunnen lezen in «De Oude Napoleonist».  Geboren te Bassevelde op 3 maart 1791 en er overleden op 18 januari 1891.  Houtzager en klompenmaker.  Huwde te Bassevelde op 18 februari 1828 met Joanna Maria Bovijn, geboren te Assenede op 2 september 1796 als dochter van Jan Baptist en Marie Jacoba Hulpiau en overleden te Bassevelde op 20 januari 1847.  Dienstmeid.  Uit hun huwelijk werden de volgende kinderen geboren:

  1. Silvia.  Geboren te Bassevelde op 23 januari 1829.  Overleden vóór 1891. Plaats onbekend.
  2. Carolus Ludovicus.  Geboren te Bassevelde op 24 juni 1831 en overleden te Bassevelde op 25 juni 1910.  Huwde met Van Hoorickx Julie, geboren in 1841 en overleden te Bassevelde op 22 oktober 1923.
  3. Hippoliet.  Geboren te Bassevelde op 17 september 1832 en er overleden op 20 september 1832.
  4. Adelaïde.  Geboren te Bassevelde op 25 november 1833 en er overleden in het klooster op 8 maart 1907.
  5. Bernardus.  Geboren te Bassevelde op 7 april 1836 en er overleden op 1 november 1887.  Huwde te Bassevelde op 22 november 1871 met Bultinck Monica, handwerkster, geboren te Bassevelde op 13 maart 1852.
  6. Julie.  Geboren te Bassevelde op 21 juni 1838 en waarschijnlijk overleden te Ath in de provincie Henegouwen.
  7. Eulalie.  Geboren te Bassevelde op 29 januari 1842.

Tot hier de stamboom van de familie Huughe.  Wellicht leven er nog verre afstammelingen van onze Napoleonist.  Kunnen genealogen onder de lezers er ons meer over vertellen?
 

III. «DE OUDE NAPOLEONIST»: HET HANDSCHRIFT.

Het handschrift van «De Oude Napoleonist» behoorde oorspronkelijk toe aan Juffrouw Anna Ego, dochter van de schrijver.  Zij schonk het aan Mevrouw S. Van Zele, die het thans nog bezit.  Wij danken hen om haar toestemming het handschrift te publiceren.

Het handschrift bestaat uit een titelblad en 26 dicht beschreven bladzijden van groot formaat.  Het bevat een voorwoord, een inleiding en 22 hoofdstukjes.  Het verhaal zelf is geschreven in een ietwat gekunstelde stijl, die nu verouderd aandoet, maar die zo karakteristiek is voor tal van amateur-schrijvers van het einde der negentiende eeuw.  Wij publiceren het verhaal dan ook in de oorspronkelijke versie, opdat het zijn eigen karakter niet zou verliezen.  Wel hebben wij het op verschil­lende plaatsen samengevat.  Inderdaad, naast het levensverhaal van Leopold Huughe, bevat het werkje ook een aantal hoofdstukken van algemeen historische aard (vb. Hoofdstuk VI dat handelt over de betekenis van de slag bij Waterloo) die rechtstreeks uit de geschiedenisboekjes van vorige eeuw schijnen te komen.  Zij leren ons alleen maar dat het onderwijs van de hulponderwijzer Julius Ego zeer aanschouwelijk moet geweest zijn.  De hoofdstukken echter die ons het leven van Leopold Huughe beschrijven of ons iets leren over het leven van onze voorouders, werden bijna alle in hun geheel opgenomen.  Wij geloven trouwens dat de waarde van dit verhaal precies gelegen is in het feit dat het ons een getrouw beeld geeft van het dagelijkse leven in de 19e eeuw in een landelijke gemeente als Bassevelde.

(vervolgt)
DIRK VANDE VOORDE

__________________________

(1) R.A.G. Modern Archief Bassevelde.  Gemeenteraadsverslagen, Bundel 7, f. 176 v°.  Zie ook de gemeenteraadszitting van 11 april 1885, idem, f. 182 v°. Terug naar de tekst

(2) Een tekenschool of akademie die op 12 september 1866 was opgericht onder het bestuur van Charles Scheyre uit Gent had het maar twee jaar uitgehouden.  Zij werd afgeschaft op 31 mei 1868 «ingezien het klein getal leerlingen en hunnen ongenoegzamen iever».  Beraadslagingen van het Kollege van Burgemeester en Schepenen van Bassevelde.  Verslag van het dienstjaar 1868, f. 4 v°.  Gemeentehuis Bassevelde. Terug naar de tekst

(3) Correspondentieregister van 1879 tot 1885, n° 6495.  Gemeentehuis Bassevelde.  Brief van 31 januari 1885 aan de arrondissementskommissaris, waarin de brief van de provinciale inspekteur wordt aangehaald. Terug naar de tekst

(4) Correspondentieregister van 1879 tot 1885, n° 6510.  Gemeentehuis Bassevelde. Terug naar de tekst

(5) De aangehaalde tekst komt uit het gemeenteraadsverslag van 6 november 1886. R.A.G. Modern Archief Bassevelde, Gemeenteraadsverslagen, bundel 7, f. 204 v°-205 r°. Terug naar de tekst

(6) Op te merken valt dat er in de zogenaamde "gemengde> gemeenteschool in januari 1886 reeds geen meisjes meer aanwezig zijn: de meisjes werd toen «met vrucht onderwezen door de geestelijke zusters van het alhier bestaande klooster».  Correspondentieregister van 1886 tot 1891, ° 6765.  Brief aan de gouverneur van 8 januari 1886.  Bassevelde Gemeentehuis. Terug naar de tekst

(7) R.A.G. Modern Archief Bassevelde.  Gemeenteraadsverslagen, bundel 7.  Gemeenteraadsverslag van 6 november 1886, f. 204 v°-205 r°. Terug naar de tekst

(8) Correspondentieregister van 1386 tot 1891, n° 7002.  Brief van 2 augustus 1887 aan de arrondissementskommissaris te Gent. Terug naar de tekst

(9) Thans in het Rijksarchief te Gent. Terug naar de tekst

(10) Medegedeeld door de Heer Maddens.  Rijksarchief Kortrijk. Terug naar de tekst

(11) Medegedeeld door de Heer Maddens.  Rijksarchief Kortrijk. Terug naar de tekst

Separator

De oude Napoleonist  1 - 2 - 3 - 4

Naar de top van deze blz.

Inhoudstafels
1968 - 1969 - 1970 - 1971 - 1972 - 1973 - 1974 - 1975 - 1976 - 1977
1978 - 1979 - 1980 - 1981 - 1982 - 1983 - 1984 - 1985 - 1986

Welkomblz van tijdschrift "Ons Meetjesland"
Doorzoek «Ons Meetjesland»!

MPL-logo

Copyright notice



Meest recente bijwerking :  06-12-2019