Het Goed te Kromeke te Bellem
Uit tijdschrift "Ons Meetjesland", 1977, 10de jaargang, nr. 1

HET GOED TE KROMEKE TE BELLEM

Een van de oudste wijken van de voormalige gemeente Bellem is ongetwijfeld Kromeke.  Alhoewel de plaatsnaam Kromeke pas in 1473 voor het eerst in de bronnen opduikt, moet deze plaats reeds vroeger bewoond zijn (1).  Verschillende feiten pleiten immers voor een hoge ouderdom van deze wijk.

Te Kromeke komen vooreerst twee oude heerwegen samen, nl. de Oude Gentweg en de Diksmuidse Boterweg.  In 1557 wordt een stuk land te Aalter gesitueerd 'neffens den ouden Ghendswege, die men plocht te ghaen van Kerckemeeck naer Cromeecke' (2).  Deze Oude Gentweg had haar beginpunt te Aalter in de Lostraat (vroeger Kerkemstraat geheten) en volgde dan het tracé van de Kestelstraat (vroeger Oudestraat en Kesterstraat genoemd) en op het einde daarvan moet de Oude Gentweg dwars door de heide naar Kromeke toe gelopen hebben.

De tweede heerweg die te Kromeke toekwam, was de Diksmuidse Boterweg die westwaarts over een bepaalde lengte de grens vormde tussen Aalter en Lotenhulle.  Vanuit Kromeke kan men dan verder over de Karmhoek in de richting van Gent reizen.

Klik op de foto voor een grotere versie ervan.
Kaart Rijksarchief Gent, Raad van Vlaanderen, nr 20.888. -
Schaele van 38 roeden Gentsche maete (1727).
A = heerlijkheid van Schoonberge;
B = baronie van Bellem;
C = het groot Goed te Kromeke;
X = het klein Goed te Kromeke;
D = Diksmuidse Boterweg.

Kromeke maakte onder feodaal opzicht deel uit van de heerlijkheid van Schoonberge die zich uitstrekte over een belangrijk deel van Aalter, over een stuk van Ruiselede, Lotenhulle en Bellem.  De heer van Schoonberge bezat te Kromeke een rente, die men wachtpenning noemde (3).  Deze zeer oude rente was een vergoeding die bezitters van de berente gronden aan de heer moesten betalen, in vervanging van de verplichting de wacht op te trekken in het versterkt huis of de burcht van de heer.  Deze wachtpenningen klimmen ongetwijfeld tot de 12de eeuw op.  Elk jaar op Sint-Martensdag hield de ontvanger van Schoonberge zitting te Kromeke, voor het innen van die renten.  Stasinus de Sconeberghe, oudst bekende houder van de heerlijkheid, leefde in de tweede helft van de 13de eeuw.

Vermelden we tenslotte nog dat de heer van Schuurvelde het visserijrecht bezat in 'eenen waterganc beghinnende anden buuspit vanden moere bij Cromeecke ende also nederwaert loopende tot Hamme in de vaert' (4).  Bij Kromeke lag er dus een moer- of turfgebied, waarin de Schuurveldse beek uitmondde.  Vandaar liep er dan een beek naar de Brugse Vaart op de wijk Hamme te Hansbeke.

De kerk van Bellem bezat in 1494 een bos 'bij Cromeken' (5).  Later zal ook het moer van Kromeke herschapen worden in een bos, want in 1717 wordt een 'partije bosch ghenaempt den moer' (6).

De oudst bekende pachter van het goed te Kromeke, Symoen Blieck, vinden we vermeld in het handboekje van de Bellemse pastoor Jacob Willaert, in het jaar 1554 (7).

In 1669 verkocht jonkheer Jacques De Rycke het goed te Kromeke aan Joos Cardon voor 850 p. gr.  Het goed omvatte, toen "eene behuysde hofstede mette motte, wallen, huyse, scueren, stallijnghe" en 100 gemet (= 44,5 ha.) land, bos en meers.

Dit goed werd toen gesiteerd ten zuiden van de 'heirwech' (8).

In dat jaar pachtte Gabriel Vervinck, die gehuwd was met de weduwe van Joris Bruysems, de voorgaande pachter, het goed te Kromeke voor 32 p. gr. per jaar.

In 1727 kwam het tot een proces tussen Filips-Frans, prins van Rubrempré en Everberg, leenheer van de heerlijkheid van Schoonberge, en Maria-Anne Rym, barones van Schuurvelde en Bellem en vrouwe van Ekenbeke, in verband met heerlijke rechten te Kromeke.  Uit dit proces bleek dat het groot Goed te Kromeke wel degelijk onder de heerlijkheid van Schoonberge ressorteerde, maar ook dat het klein goed te Kromeke onder de baronie van Bellem viel (9).

Deze uitspraak belette echter niet dat bij het overlijden van de pachter van het groot Goed te Kromeke het beste hoofd naar de barones van Bellem ging en niet naar de heer van de Woestijne, als leenheer van de heer van Schoonberge.  Dit gebeurde namelijk bij het overlijden van Pieter Slos in 1717 en bij het overlijden van Marie Martens, echtgenote van Pieter-Francies Van Vynckt, pachter op deze hofstede, in 1778.

Het goed te Kromeke was een belangrijke boerendoening.  Pachter Pieter Slos bezat bij zijn overlijden 2 paarden, 10 koeien, 6 rendel's, 2 kalveren, 3 varkens en 5 viggens.  Zijn staat van goed vertoonde een boni van meer dan 500 pond (10).

Het woonhuis, waarin Marie-Catherine Martens op 18 juli 1778 overleed, bevatte een west- en oostkamer, een keuken, een kelder, een zolder en een achterhuis.  Haar man Pieter-Francies Van Vynckt, bezat 3 paarden, 5 koeien, 4 'jaerlingen', 2 kalveren, 3 varkens en 2 viggens.  Hij betaalde een jaarlijkse pacht van 82 pond gr. aan de barones van Bellem die dit goed in haar bezit had gekregen.  Hij liet zijn vrouw in de kerk van Bellem begraven.  Hij kon dat gemakkelijk betalen want de staat van goed van zijn echtgenote werd afgesloten met een boni van meer dan 700 pond gr.  Een zuster van hem, Marie Van Vynckt, was begijntje in het klein begijnhof van Gent (11).  Het gebeurde vaak dat rijke boeredochters begijntje werden te Gent of te Brugge.

Het groot goed te Kromeke was dus een belangrijke hofstede te Bellem, gelegen op een kruispunt van heerwegen.  Thans ligt de hoeve er wat verlaten bij, omdat zij geïsoleerd wordt aan de ene kant door de spoorweg en aan de andere kant door de autosnelweg Brussel-Oostende (12).

Luk Stockman.

__________________________

(1) Algemeen Rijksarchief Brussel, Rekenkamer nr. 1089, f° 62 r°. Terug naar de tekst

(2) Rijksarchief Gent, Land van de Woestijne nr. 371, f° 92 r°. Terug naar de tekst

(3) Rijksarchief Gent, Fonds Borluut nr. 545. Terug naar de tekst

(4) Algemeen Rijksarchief Brussel, Rekenkamer nr. 1091, f° 74 v°. Terug naar de tekst

(5) Rijksarchief Gent, Kerkarchief Bellem nr. 62, kerkrek. 1494, f° 6 v°. Terug naar de tekst

(6) Rijksarchief Gent, Fonds Ursel nr. 215, staat van goed van Jacques Slos, f° 4 r°. Terug naar de tekst

(7) Rijksarchief Gent, Kerkarchief Bellem nr. 63, handboekje van pastoor Willaert, f° 1 r°. Terug naar de tekst

(8) Rijksarchief Gent, Raad van Vlaanderen, nr. 20.888. Terug naar de tekst

(9) Rijksarchief Gent, Raad van Vlaanderen, nr. 20.888. Terug naar de tekst

(10) Rijksarchief Gent, Fonds Ursel nr. 215, staat van goed van Jacques Slos. Terug naar de tekst

(11) Rijksarchief Gent, Fonds Ursel nr. 314, staat van goed van Marie-Catherine Martens. Terug naar de tekst

(12) Ik dank Marcel Smessaert zeer hartelijk voor zijn inlichtingen in verband met de staten van goed uit het fonds Ursel. Terug naar de tekst
 

Separator

Naar de top van deze blz.

Inhoudstafels
1968 - 1969 - 1970 - 1971 - 1972 - 1973 - 1974 - 1975 - 1976 - 1977
1978 - 1979 - 1980 - 1981 - 1982 - 1983 - 1984 - 1985 - 1986

Welkomblz van tijdschrift "Ons Meetjesland"
Doorzoek «Ons Meetjesland»!

MPL-logo

Copyright notice



Meest recente bijwerking :  07-08-2019