Toneel te Waarschoot
Uit tijdschrift "Ons Meetjesland", 1980, 13de jaargang, nr. 4

TONEEL TE WAARSCHOOT

Het toneel, dat tegenwoordig door film, televisie of andere moderne ontspanningsmogelijkheden verdrongen schijnt, werd voorheen meer naar waarde geschat, en al wie zich kultureel dacht, was bij een of andere toneelbond aangesloten.

Door Jacob Jozef Van Der Poorten (Kronijk van Waarschoot) vernemen we onder meer, dat hier toneelstukken werden opgevoerd door "kunstminnende ieveraren van rethorica".

We vernemen er bovendien volgende anekdote: Toen na verloop van tijd de invloed van de Franse revolutie tot bij de jeugd was doorgedrongen, wilden ze niet meer luisteren naar het gezag, noch de geestelijkheid.

De studenten van die tijd waren dan ook van plan om, tegen de wil en toelating van de pastoor in, op 18 september 1796 op het hof van zekere Adriaan Goddijn (aan «d'eeckelkens»), een tragedie op te voeren die niet in alle opzichten strookte met de katholieke opvattingen.  Nog tijdens de eerste akte ging het theater in de vlammen op en de menigte toeschouwers kon nauwelijks beletten dat een houtmijt, die aan het woonhuis paalde, vuur vatte.  Of de geestelijkheid van de parochie daar voor iets tussen zat laten wij buiten beschouwing.

In de late Middeleeuwen hadden, in alle centra en gemeenschappen, de kultuurgezinden zich verenigd in "Rederijkerskamers".

Waarschoot bezat in de 18e eeuw ook dergelijke "rederijkerskamer", die hier de spreuk voerde van "Reden-Rijmkonst-Minnende-ieverige-Jongheyd".

Die rederijkerskamer bleef bestaan tot in 1817.

Vanaf het jaar 1848 zien wij hier een soortgelijke vereniging tot stand komen die de leuze voerde "Voor kunst en Moedertaal !".  Men kan begrijpen dat zij het zeer moeilijk hadden in een periode, waarin alle administratie in het Frans gebeurde.

Zowel de rederijkers als laatstgenoemden gaven talrijke toneelvoorstellingen.

Het spreekt vanzelf dat iedere voorstelling steeds in regel hoefde te zijn met de goede zeden, wat tegenwoordig soms uit het oog verloren wordt, en alle toneelpartities dienden op het gemeentehuis ter goedkeuring te worden voorgelegd.

Op 31 oktober 1821 kregen ze aldus een aanvraag toegestuurd van de studenten van rethorica om in de herberg "Het huys van Commune", uitgebaat door zekere Jozef Van Den Abeele, volgende stukken te mogen opvoeren:

—  De dood van koningin Marie Stuart treurspel
—  's Weirelds bedrog blijspel
—  Cabonus en Pecavia treurspel
—  Hans boer met zijne eyeren blijspel
—  Liderick De Buck, 1e forestier van Vlaanderen treurspel
—  De comedie van de slotmaeker  
—  De tragedie van Lodewijk VI, koning van Vrankrijk.  

Het gebeurde niet zelden dat de toneelvoorstellingen gegeven werden ten voordele van de armen van de gemeente.

Later, toen de katholieke schoolpenning werd gesticht (1880-1884), voerden de toneelminnaars, en zelfs de leerkrachten en leerlingen uit de lagere school, toneelstukken op ten voordele van het vrij onderwijs.

Op 01-08-1892 werd te Waarschoot de toneelbond "Willen is kunnen" gesticht.  Jaarlijks gaven ze twee voorstellingen.

Een tiental jaar later ontstond een andere toneelbond, die "kunstkring" werd genoemd.

Het toneel werd toen zodanig door de Waarschootse bevolking gewaardeerd, dat steeds meer nieuwe verenigingen ontstonden.  Uit een gemeentelijk onderzoek van oktober 1929 blijkt dat te Waarschoot volgende toneelbonden bestonden:

1.   Katholieke Kunstkring,
      voorzitter: Alfred Bernard
sekretaris: Marcel De Vriendt
2.   Toneelkring,
      voorzitter: juffr. Alma De Craene
sekretaris: juffr. Marie Bernard
3.   "Door het volk, voor het volk",
      voorzitter: Emiel Heyde,
sekretaris: juffr. Helena Laureyns
4.   Vlaamsche Lenteweelde,
      voorzitter: juffr. Alma De Craene
sekretaris: juffr. Martha Willems
5.   De Eendracht,
      voorzitter: Maurice Buysse
sekretaris: Charles Goethals

Daarnaast bestond nog een toneelbond, in de schoot van de N.S.B. (Oud-Strijders), die zich ter herinnering aan de strijd in de IJzervlakte de "IJzergalm" noemde.

Die toneelvereniging was gesticht in 1920 en telde 27 leden oudstrijders.  Hun lokaal was gevestigd bij dhr. De Vilder, op de Leest.
De voornaamste ijveraars van "IJzergalm" waren de voorzitter dhr O. Bouchier, ondervoorzitter M. De Wilde, spelleider en schatbewaarder Firmin Bulté (+ 1978) en sekretaris Alfons Loete.

  Thierry Catteeuw
23-09-1978.

Separator

Naar de top van deze blz.

Inhoudstafels
1968 - 1969 - 1970 - 1971 - 1972 - 1973 - 1974 - 1975 - 1976 - 1977
1978 - 1979 - 1980 - 1981 - 1982 - 1983 - 1984 - 1985 - 1986

Welkomblz van tijdschrift "Ons Meetjesland"
Doorzoek «Ons Meetjesland»!

MPL-logo

Copyright notice



Meest recente bijwerking :  03-08-2019