Landelijke woningen in het Meetjesland
Uit tijdschrift "Ons Meetjesland", 1975, 8ste jaargang, nr. 1

LANDELIJKE WONINGEN
IN HET MEETJESLAND

In de volgende nrs zullen enkele landelijke gebouwen worden naar voren gebracht.  De eerste woning, gelegen in de Witte Moerstraat 74 te Sleidinge, behoort toe aan de heer Van Bremt, wonende te Dijon in Frankrijk. De huurder en uitbater is de heer Martens, die mij mondeling de nodige inlichtingen gaf.

Hoeve, Witte Moerstraat 74, Sleidinge
Algemeen beeld van de hoeve, Witte Moerstraat 74, Sleidinge.
Foto Georges De Maertelaere.

Deze landbouwuitbating heeft een oppervlakte van 16 ha., volgens mevrouw Martens «hemelse breedte», d.w.z. alles is daar inbegrepen: bewerkte grond, weiland, boomgaard, grachten, kanten, rijwegen, enz.  De vroegere kultuur was meestal rogge, gerst, haver, aardappelen, bieten, rapen.  De drie eerst genoemde gewassen zijn weggevallen; de opbrengst staat nu volledig in dienst van de reeds begonnen omschakeling van landbouwuitbating naar veebedrijf.  De huidige samenstelling van de veestapel is: 10 koeien, 6 kalveren, 12 runderen, een 20 tal varkens, enkele mestvarkens, ongeveer een 30 tal kiekens.

In de woning zijn er:  1) de vroegere keuken van de toenmalige tweewoonst, nu gebruikt als slaapkamer met de zelfde haard als de huidige keuken;  2)  De haard is echter nog moeilijk te herkennen wegens het bijna volledig wegwerken met ingemaakte kasten.  De oude vloer van licht roodbruine aardewerk tegels van 13 cm x 13 cm is nog aanwezig.  Deze kamer heeft de voordeur die is dichtgemetseld, waarschijnlijk rond de jaren 1870.  Lijkdeur of niet, later meer daarover.

De huidige keuken 2 heeft een vast geplaatst schutsel zodat de gang is ontstaan.  Reden: warmteverlies.  Gedurende de winter kon het soms erg koud zijn, rekening houdende dat 5 deuren in de plaats waren, waaronder een voordeur.  De haard is gebleven maar aangepast aan een «Leuvense stoof».  Naast de haard links bevindt zich de broodvleeskast (zie de foto).

Martens Renaat,   Witte Moerstraat,74     SLEIDINGE
Witte Moerstraat 74, SLEIDINGE

Het bovenste deurtje is voor een twintigtal jaren op zeer eenvoudige manier vernieuwd; in de andere twee deuren ziet men het hartmotief met op de middenste deur nog bij gevoegd het kruisteken.  De keukenvloer bestaat uit wit-zwart cimenttegels gelegd in schaakverband.  Wat betreft de zoldering is in de grote plaatsen 1 - 2 - 4 telkens een grote moerbalk 39 cm x 25 cm. te zien met onderaan op ongeveer 60 cm van de muur een bepaald snijwerk, zie tekening van moerbalk + foto.

De schouwmantel, die beide haarden omvat, vertrekt vanop de scheidingsmuur der plaatsen 1 & 2, zo naar en van de draagbalken en heeft een overkoepelende omvang van 1,90 m. x 2,80 m., toevloeiend naar boven, waar de beide schouwen een gezamenlijke opening hebben van ongeveer 1 m2.  De kinderbalken zijn 11 cm. x 9 cm. en evenals de draag- en moerbalken in eik.  De zoldervloer bestaat uit planken waarvan de breedte schommelt tussen 30-50 cm.

Hoevewoning
De hoevewoning.
Foto Georges De Maertelaere.

In 1948 werd het strodak vervangen door pannen.  Het schaargebinte met dubbele hanebalken (spanten) is zeer eenvoudig, geeft zelfs de indruk van een slordige afwerking.  De 4 jukken zijn verbonden door de jukplaten, waarop de nodige sporen (stijlen) zijn aangebracht.  De trap naar de zolder heeft 16 treden waarvan 6 verdreven.  De val van de 11 rechte treden is 55 cm. !  Plaats 5 is eveneens een slaapkamer (hoog- of opkamer) en is gelegen boven de kelder 2,20 m. x 4,60 m.  De kelder heeft 4 treden van 22 cm., een diepte van 80 cm.

De brood- en vleeskast naast de haard

De brood- en vleeskast naast de haard,
voorzien van kruisteken en hartmotieven.
Foto Georges De Maertelaere.
 

Beide voordeuren hebben een omlijsting (zie foto) bestaande uit kleine zwart-grijze stenen. Het type van deze omlijsting laat vermoeden dat de woning werd gebouwd op het einde van de 18e eeuw, mogelijks begin 19e eeuw.  De voordeur is nog oorspronkelijk met het klassieke waterberd.  De ramen witgeschilderd, de ijzeren ankers hebben op de kop van de trekkers een gewone versiering: vierkant met St-Andrieskruis, veel voorkomend in onze streek.

De bedrijfsgebouwen zijn bij de geleidelijke overgang naar het veebedrijf in beperkte mate aangepast.  Hier werd ook het strodak vervangen door pannen, dit gebeurde bij de grote herstelling aan het wagenhuis 1 rond 1920.  Gans het houten gedeelte van het wagenhuis werd toen vervangen door baksteen met uitzondering van de houten draag- en steunbalken en de bij horende zoldervloer.  Nr. 2 is het loofkot.  De koestal 3 heeft een beerput die de helft onder de stal ligt, de rest buiten.  De inhoud is 25.000 l.  De koeien staan links en rechts van de deuringang in de lengte van de stal.  De doorgang 4 heeft een kleivloer (leem) waarop nu nog het graszaad en het dekstro voor oppers wordt gedorsen.  De schuurwinkel 5 is onlangs aangepast voor het onderbrengen van runderen.  De paardestal 6 bezit nog 'n haverkot 8 met daarnaast de aardappelkuil 7, die lichtjes onder de grond ligt.  Een varkensstal 9 is gelegen naast de W.C. 10, die zich nevens het kiekenskot 11 bevindt.

De stallingen worden gebruikt voor het kweken van varkens.  De mestkuil is te zien vóór de koestal.  De afsluiting van het erf is een doornhaag tot achter de woning, verder is het een vlienderhaag.

Romano Tondat.

Separator

Landelijke woningen in het Meetjesland  1 - 2 - 3

Naar de top van deze blz.

Inhoudstafels
1968 - 1969 - 1970 - 1971 - 1972 - 1973 - 1974 - 1975 - 1976 - 1977
1978 - 1979 - 1980 - 1981 - 1982 - 1983 - 1984 - 1985 - 1986

Welkomblz van tijdschrift "Ons Meetjesland"
Doorzoek «Ons Meetjesland»!

MPL-logo

Copyright notice



Meest recente bijwerking :  11-07-2019