Koninklijke Katholieke Harmonie Amicitia
Uit tijdschrift "Ons Meetjesland", 1983, 16de jaargang, nr. 4

KONINKLIJKE KATHOLIEKE HARMONIE
AMICITIA

1881 - 1981
EEN KRONIEK VAN 100 JAAR VRIENDSCHAP

2.  Een nieuwe start (1945-1952)

NA DE BEVRIJDING

Vier jaren Duitse bezetting en de bevrijding in september 1944, die beide gepaard gingen met laster, wraakneming, geweld en terreur, hadden diepe wonden geslagen in de Eeklose samenleving.  De collaboratie en de zuivering nadien hadden overal mensen tegen elkaar opgezet en het was vaak moeilijk ze nog in één vereniging samen te krijgen.

De bevrijdingsplechtigheden in september 1944 werden opgeluisterd door een stedelijke harmonie met muzikanten van Amicitia, St.-Cecilia en St.-Georges, onder leiding van Aimé Mouqué, directeur van de stedelijke muziekschool.  In die beroerde tijd was er van een Ceciliafeest geen sprake, zowat alles stond op de bon voor rantsoenering en er was een ontzettend gebrek aan gas, kolen, kleren en levensmiddelen, het allernoodzakelijkste.  Alleen zij die geld hadden konden terecht op de zwarte markt, tot nadeel van degenen die niet konden betalen.

In maart 1945 kwam het bestuur van de Koninklijke Katholieke Harmonie Amicitia samen om te onderzoeken wie nog lid van de harmonie mocht zijn.  Het was vooral voorzitter Maurice Goethals die besliste welke muzikanten nog zouden gevraagd worden en welke niet.  De rangen waren erg uitgedund en het bestuur deed een oproep tot nieuwe leden als ze maar onvoorwaardelijk trouw waren aan Kerk, Vorst en Vaderland.  Daardoor waren de principes waarop de harmonie steunde duidelijk gesteld: Amicitia bleef katholiek, steunde de koning en werd patriottisch, eerst Belgisch en dan, op de tweede plaats, Vlaams.

Richard Van Hyfte en Urbaan Van De Woestyne  
Richard Van Hyfte en Urbaan Van De Woestyne:
twee vrienden, altijd voor een pretje klaar.

Op 24 maart greep de eerste repetitie (66) plaats onder leiding van Richard Van Hyfte.  Had het bestuur misschien wel de bedoeling uit te kijken naar een beroepsman als dirigent, geld om die te betalen was er toch niet en zo kreeg Richard Van Hyfte, sedert 1922 onderdirigent, in moeilijke omstandigheden de leiding van Amicitia op zijn schouders.  Over deze waarschijnlijk verdienstelijkste muzikant uit de annalen van de harmonie laten we Hubert De Baets, kroniekschrijver sedert 1928 aan het woord:

Onze vriend Richard van Hyfte heeft alle wel en wee meegemaakt in onze Harmonie.  Hij speelde onder leiding van de heren Pius Ryffranck, Prosper Lippens, Jules Verhasselt en Prosper Van Eechaute tot hij eindelijk geschaafd en gestaald zelf de maatstok in handen heeft genomen en prijkt als meester waar hij eens dienaar was.

Tuba was zijn lievelingsinstrument maar noem mij eens een blaasinstrument dat hij niet bespeelde: van de hobo en klarinet tot de saxofoon, van de piston tot de bombardon, alles heeft hij gespeeld en aangeleerd.  Welke chef brengt zulke bagage mee ?

Hij was een "passe-partout", waar er een zwak punt was, hetzij bij de bassen of bij de houtblazers, daar sprong hij in en vertolkte die partijen ten beste (67).

Hij is leraar, met een groot hart heeft hij ieder leerling gelijk bemind.  Met onbetaalde ijver en hardnekkige door drijvendheid heeft hij tientallen instrumentisten gekweekt, hij overtrof zich in zijn opoffering, zelfs solfège lessen gaf hij gedurende zijn vrije tijd; hij was een perpetuum mobile altijd in dienst van Amicitia.  Gelijk een goede pelikaan die zijn eigen jong spijst met zijn eigen bloed, zo heeft hij kwistig met zijn muziekkennis omgesprongen en in Amicitia vele goede muzikanten gevormd.

Hij was zelfs instrumentenmaker, hij herstelde ze alle.  Zijn verdiensten als organisator en leraar zijn met de meter niet te meten.  Het is ten andere Amicitia die hem belette te trouwen.

De eerste naoorlogse sacramentsprocessie luisterde Amicitia op (zondag 3 juni) en op zaterdag 21 juli om 16 uur trok er door de stad een Grootse Vaderlandse en Historische Stoet, waaraan alle Eeklose harmonieën deelnamen en die 50.000 kijkers naar Eeklo bracht !  De dag daarop hielden de drie harmonieën (68) een wandelconcert door de straten van Eeklo.

Zoals voor de oorlog ging op 15 augustus (halfoogst) de O.-L.- Vrouwprocessie weer uit, die zolang ze uitging - de laatste maal in 1963 door de harmonie werd begeleid.  De eerste naoorlogse kermis - voor 't eerst in 6 jaar — vierde men de laatste week van augustus.  Amicitia hield een wandelconcert op zaterdag 25 augustus en gaf de week daarop (1 september) om halfnegen 's avonds haar eerste naoorlogse concert op de Markt.

In een oproep deed het bestuur een beroep op de vrijgevigheid van de Eeklose katholieke burgerij (69).  Het bestuur bestond toen uit voorzitter Maurice Goethals, ondervoorzitters Armand Goethals en Edgard Van Zandycke, secretaris Paul Bastien, penningmeester Maurice Bonte, leden: Julien Van Overberghe, Prosper Van Ghyseghem, Richard Van Hyfte, Richard De Nijs, Maurice Baele, Willy Van Zandycke, Nestor Verstraete, René Martens, Alfred Van Vooren, Célestin Grégoire, Aimé De Vliegher en Adolf Acke.

Stilaan hernam het openbaar leven zijn gewone gang.  Op 22 september deed Amicitia een muzikale wandeling op Molenstraatkermis (toen herdoopt in Heldenlaan) en bracht een serenade aan Mevr. E. Verbiest (oudste inwoonster) en Lucien Lampaert (primus perpetuus aan 't College).

DE "KLIEK"

Reeds in de jaren dertig waren er plannen geweest om de cornets en trompetten in de marsen te versterken door klaroenen.  Voorbeelden hiervan vond men bij de militaire muziekkapellen en ook bij de turnverenigingen die op straat marcheerden voorafgegaan door een "kliek".  Zo hadden voor de oorlog de katholieke turnkring Slank en Vrank en ook de socialistische turnkring Vooruitzicht een tamboers- en klaroenenkorps van een achttal man.

In 1945 begonnen een vijftal blazers de repetities onder leiding van Adolf Acke: Marcel De Bock, René Van Bastelaere, Georges Van Hoecke, Gustaaf Van Hecke en Gaston Coppenholle en werd ook het trommelkorps uitgebreid.  Van dan af zouden de militaire marsen een ruimer aandeel krijgen in het repertoire van Amicitia.

De eerste jaren na de oorlog grepen er vaak herdenkingsplechtigheden plaats en ook huldebetogingen.  De harmonie was meestal van de partijen begeleidde onder meer op zondag 21 oktober een rouwstoet naar de stedelijke begraafplaats.

Het eerste naoorlogse Ceciliaconcert greep plaats op zondag 25 november 1945 om 20 uur in de zaal Gouden Leeuw.  Het eerste deel van het programma was een kort concert door de harmonie onder leiding van Richard Van Hyfte.  Vervolgens zong Firmin Kryger twee nummers aan de piano begeleid door Raymonde Van Overberghe.  Nadien speelde accordeonist Gaston Dumoulin en de avond werd besloten met Het Verleden, een eenakter door twee leden (70) van de piepjonge toneelbond Excelsior.

Maandag 26 november werd ingezet met een mis voor de overleden muzikanten, dan volgde een muzikale rondgang met bezoek aan cafés van ereleden-herbergiers, waarna de muzikanten aan het banket aanzaten.  De viering werd voortgezet met een gezellig samenzijn en besloten met een bal.  Het eigenlijke Ceciliafeest greep plaats op zondag 2 december 1945 en was een familiefeest georganiseerd door het propagandacomité van de CVP, de Christelijke Volkspartij, waarvan de harmonie één van de hoofdbestanddelen was.  Een honderdtal aanwezigen waren getuigen van de hulde aan Jozef Verschoote en Karel De Roo voor 25 jaar dienst en aan Richard Van Hyfte en Aimé De Vliegher (50 jaar muzikant), die namens de jubilarissen dankte en Armand Goethals - tegen wH en dank - met algemene goedkeuring erevoorzitter van Amicitia maakte.

Aan Koning Leopold III (in ballingschap) werd een telegram gestuurd met blijken van trouw, iets wat in de komende jaren nog vaak zou gebeuren.  De harmonie kwam goed op dreef en bestond toen uit een goede vijftig muzikanten.  Acht leerlingen konden terecht in de lessen van notenleer de woensdagavond en konden ook in de harmonie hun instrument leren.

Alle gelegenheden werden aangepakt om van het nieuwe dynamisme te getuigen: de nationale kiesoverwinning van de CVP (17 februari '46), wandelconcerten voor de CVP in Balgerhoeke, St.-Laureins en St.-Margriete (26 mei) waarna palingsouper, optreden op het Canadees Kerkhof te Adegem, Rerum Novarumviering met de Christelijke Werklieden in de Katholieke Werkmanskring op Hemelvaartdag (13 juni) en een wandelconcert in Lembeke onder leiding van Marcel De Bock, chef van de klaroenblazers, op 23 juni.  Diezelfde dag dirigeerde Richard Van Hyfte een concert in de hovingen van d'Alcantara te Lembeke.

Op 14 juli, de eeuwfeestviering van 't College, speelde Amicitia het vaderlands lied.

Het eerste naoorlogse concert waarvan wij het programma kennen speelde Amicitia zaterdagavond 20 juli om halfnegen op de Markt en omvatte Pasquinade (A. De Boeck), Amina (P. Lincke), Czardas (Michiels) en Suite Orientale (F. Popy).

Wandelconcerten werden gehouden op 22 juli met de leerlingen van het College en op 29 juli voor Boelarekermis.  Op een groot openluchtfeest voor K.F.C. Eeklo georganiseerd in de hovingen van Enke-Armstrong (sedert 1952 Heldenpark) op 4 augustus speelde de harmonie een concert.

Reeds in 1946 werd weer aangeknoopt met een aangename vooroorlogse traditie: reizen.  Op 11 augustus reden drie volgeladen bussen met 122 man in een prachtig weer naar Waulsort.

In die periode haalde de bevolking haar schade van vier jaren bezetting in op het gebied van feestvieren, stoeten en openluchtfeesten.  Zo speelde Amicitia op 15 en 18 augustus in de hovingen van Georges Baudts (Stationsstraat), op 25 augustus voor de vlaggewijding van de Bond van Kroostrijke Gezinnen, op donderdag 29 augustus om 17 uur een concert in de hovingen van Bovijn (71) op een fancy fair van de Beroepsscholen en de harmonie sloot Eeklo-kermis op 1 september met een concert op de Markt om 11 uur.  Op zondag 22 september nam Amicitia deel aan de Koningshulde te Gent.

PRO AMICITIA

Het was op de repetitie van 28 september 1946 dat Prosper Van Eechaute, de vooroorlogse dirigent, met zijn beloofde mars, gecomponeerd voor en opgedragen aan de harmonie aankwam.  Hij werd Pro Amicitia gedoopt en zou tot nu, behoudens korte onderbrekingen, alle belangrijke concerten besluiten.

Op donderdag 9 november had Amicitia de droeve plicht een van haar bestuursleden Nestor Verstraete ten grave te dragen en op elf november trok de harmonie naar een Dodenhulde op de stedelijke begraafplaats.

De St.-Ceciliaviering werd uitgesteld omwille van de eerste naoorlogse gemeenteraadsverkiezingen van 24 november en het overlijden van de vrouw van voorzitter Maurice Goethals op 23 november '46.  Voor en achter speelde Amicitia op kiesmeetings en bracht serenades aan de nieuwverkozenen (En of de boterhammen met hesp bij Basiel De Wilde in Balgerhoeke smaakten !).  De CVP haalde de meerderheid en trok op 25 november begeleid door Amicitia in een triomftocht door Eeklo.

Het Ceciliafeest 1946 had wel plaats op zondag 26 januari 1947 en werd besloten met een primeur: de eerste uitvoering van Prosper Van Eechautes mars Pro Amicitia, waarvoor de klaroenblazers een pluim op hun hoed mochten steken.  Op maandag 27 januari 1947 ging de viering gewoontegetrouw verder met een mis, rondgang met bezoek aan cafés en het banket.  Remy Van Brabandt sprak over de vriendschap die de muzikanten bij mekaar houdt, voorzitter Maurice Goethals had het over de gloed en het enthousiasme voor grotere prestaties, Aimé De Vliegher liet zich weer aanzetten om het woord te voeren, Aimé Goethals, voorzitter van toneelvereniging Excelsior, waarvan het bestuur ook later op de feesten aanwezig was, vroeg belangstelling voor toneel en Jozef Verschoote dankte namens de muzikanten.

De harmonie telde toen een 65-tal spelende leden:

Dirigent:   Kleine klarinet:
  Richard Van Hyfte     Alfred Kindts
Klarinet:   Kleine fluit:
  Julien Van Overberghe     Robert Van De Putte
  Célestin Grégoire   Hobo:
  Karel De Roo     Frans Geirnaert
  Bertrand Van De Woestyne   Altsaxofoon:
  Raymond Teerlinck     Hector Bastien
  Paul Gillebeert     Victor Kindts
  André Bastien   Tenorsaxofoon:
  Marcel Bastien     Prosper Van Ghyseghem
  Gerard Willems   Bugel:
  Edmond Walgraeve     Jozef Verschoote
  Noël Willems     Florimond De Vilder
  Jan Tieberghien     Roland De Meyer
  Paul Van Ghyseghem   Cornet:
  Johan Baele     Gaston Van De Woestyne
  Gerard Bottelberge     Achiel De Rynck
Trompet:     René D'Havé
  Alfred Van Vooren   Pauken:
  Achiel Maenhaut     Willy Van Zandycke
  Antoine Geirnaert   Schijven:
  Antoine De Boever     Willy Smitz
  Albert Maes   Grote trom:
Alto:     Jules Tieberghien
  Paul Bastien     André Van Parijs
  Emiel Dubois   Kleine trom:
  Medard Willems     Marcel Batsleer
Bariton:     Richard Depoortere
  Roger Verschoote     Gustaaf Geirnaert
  Wilfried Willems     Omer Geirnaert
  Willem De Roo     Pierre Geirnaert
Trombone:     Alfons Haelman
  Urbaan Van De Woestyne     Vaandeldrager:
  Adolf Acke     Georges Boute
  Kamiel Buyck   Klaroen:
Tuba:     Gustaaf Van Hecke
  Antoine Kindts     Marcel De Bock
  Hector Slock     Gaston Coppenholle
  Bertrand De Mey     Gaston Goemé
  Hilaire Kindts     Etienne Lampaert
Bombardon sib:     Oscar Buysse
  Aimé De Vliegher      
  Henri Vermeulen      
            mib:      
  André Caryn      

BURGEMEESTER MAURICE GOETHALS

Op 9 maart huldigde de harmonie haar voorzitter Maurice Goethals die door de koning tot burgemeester benoemd was.  Het spreekt vanzelf dat de man die tot zijn dood in 1970 burgemeester bleef in dat ambt veel kon doen en ook deed voor "zijn harmonie".  Een groot deel van de bloei en het succes van Amicitia in de vijftiger jaren en ook zestiger jaren is daaraan te danken.  Maurice Goethals leidde de harmonie met vaste hand en had niet de gewoonte taken aan anderen op te dragen.  Hij deed het werk liever zelf, waardoor inspraak van de andere bestuursleden tot een minimum beperkt bleef.  Een man van weinig woorden en discussie.  Meer dan ooit was hij de spil waarrond Amicitia draaide.  Vaak vroeg hij voor zijn sociaal en politiek dienstbetoon een bijdrage of steun voor de harmonie, die zo meer financiële armslag kreeg.  Geregeld bood hij de muzikanten na een behoorlijke prestatie of tornooi een souper of een reisje aan.

Jules Verhasselt  
Jules Verhasselt

Zo maakten 85 man op 1 juni een uitstap naar de Kempen met bezoek aan de abdij van Westmalle, aan Kasterlee en Geel.

Reeds op 1 mei had de harmonie haar medewerking verleend aan een stoet ter gelegenheid van het 5de eeuwfeest van de H. Coleta.

Juni was een drukke maand met de Sacramentsprocessie (8 juni), rouwplechtigheid op 't Canadees Kerkhof in Adegem, de H.-Hartfeesten te St.-Laureins (15 juni) en een concert in de hovingen van d'Alcantara te Lembeke (22 juni).  Een concert voor de nationale feestdag speelde Amicitia op de Markt op 19 juli om 11 uur en op zaterdag 30 augustus om 19 uur een concert op de handelsfoor door het stadsbestuur georganiseerd.  Een laatste zomerconcert werd gegeven op de Markt op zaterdag 6 september om 20.30 uur.

Tot de jaren zeventig zou Amicitia samen met de andere harmonieën elk jaar met rouwmarsen de stoet op Allerheiligen (1 november) naar de stedelijke begraafplaats begeleiden en daar de rouwplechtigheid opluisteren.  Het Ceciliaconcert van 23 november 1947 kende een overweldigende publieke belangstelling: 650 aanwezigen luisterden naar een gevarieerd programma en keken daarna naar een eenakter Als men meisjes fopt, opgevoerd door Excelsior.  Op het banket daags nadien werden dirigent Richard Van Hyfte, lesgevers Julien Van Overberghe (klarinet) en Dolf Acke (klaroenen) en secretaris Paul Bastien in de bloemetjes gezet.  Een nieuwigheid was dat vanaf 18 uur de vrouwen van de leden het feest mochten meevieren: iedereen ging akkoord dat het een ongekend gezellig Ceciliafeest was.

Op 7 februari 1948 bracht Amicitia een serenade aan de nieuwe deken Eerwaarde Heer Van Hevele en op 2 mei begeleidde de harmonie de christelijke werklieden van de Werkmanskring naar de kerk, een opdracht die bijna elk jaar op het programma stond.

Op het einde van de veertiger jaren begon er een bloeiperiode voor de katholieke turnkring Slank en Vrank, die vaak naar tornooien ging of zelf wedstrijden organiseerde.  Meestal deden ze dan een beroep op de harmonie om de turners in hun optocht te begeleiden, zo op zaterdag 31 juli en op 28 en 29 augustus.

Serenade in Balgerhoeke op 8-12-1946
Serenade "op den buiten", Balgerhoeke (8-12-1946).

Om meer variatie te brengen in de optredens probeerde het bestuur het aangename aan het nuttige te paren en zocht elders concerten te kunnen geven.  Voor de Vereniging voor Vreemdelingenverkeer (VVV) van Terneuzen werd daar op zaterdag 7 augustus een wandelconcert gehouden met aansluitend een concert.  De Zeeuwse pers stond vol lof over de 5 klaroenblazers en de jeugdige trommelaars.  Andere concerten werden gespeeld op de nationale feestdag en in Kaprijke op 8 september.

Het Ceciliaconcert van 21 november 1948 werd het beste sinds de oorlog genoemd (72) en na afloop ervan werd door dirigent Richard Van Hyfte namens de muzikanten aan Maurice Goethals zijn door Steel geschilderd portret overhandigd.

Op 23 februari 1949 begeleidde Amicitia haar oud-dirigent Jules Verhasselt ten grave.

Het voorjaar van 1949 stond in het teken van de parlements- en provincieraadsverkiezingen van 26 juli: voor Amicitia betekende dat de inwijding van de Balgerhoekstraat op 29 mei, kiesmeetings en het vieren van de kiesoverwinning, want voorzitter Maurice Goethals was verkozen tot provincieraadslid.  Daar was natuurlijk iets aan verdiend: een reis de 7de augustus naar de Vlaamse Ardennen met middagmaal in Ronse.

De harmonie speelde concerten op de nationale feestdag, in Lembeke (onthulling heldenmonument op 17 juli), het openingsconcert van Eeklo-kermis op zaterdag 27 augustus en in Kaprijke (kermis op 6 september).

In 1949 had de harmonie de plicht enkele religieuze gebeurtenissen luister bij te zetten: afhalen van de nieuwgewijde pater Bernard (René) De Muyt voor zijn dankmis op 30 augustus; de begeleiding van de paters naar de dekenale kerk voor de viering van 300 jaar Minderbroeders te Eeklo op 4 september en de herdenkingsstoet van Broeder Edward De Jaeger, scheutist in 1898 overleden in Congo, waarvoor er op 25 september in de Balgerhoekstraat een gedenkplaat onthuld werd.

Het succes van de Ceciliaconcerten in de Gouden Leeuw ging steeds in stijgende lijn; op zondag 20 november 1949 waren er 900 toehoorders !  Het concert was toen gratis voor de leden van Amicitia, Excelsior, de CVP en hun huisgenoten.

In de winterperiode lagen de zaterdagse repetities soms een maand stil: de feestdagen hielden de muzikanten thuis of de bovenzaal was niet te verwarmen.

De koningskwestie had op 4 juni 1950 nieuwe verkiezingen noodzakelijk gemaakt, die leidden tot een volstrekte meerderheid voor de CVP.  Een overwinningsfeest greep plaats in de hovingen van de Gouden Leeuw.

Op zaterdag 24 juni om 20.30 uur gaf de harmonie een zomerconcert op de Markt en daags nadien om 7.15 uur vertrok ze op tweedaagse reis naar de Maas-, Semois- en Ourthevalleien met overnachting in het Posthotel te Bouillon.  Het was voor vele muzikanten de aangenaamste en mooiste reis die ze ooit meegemaakt hadden.

Na een tweede zomer concert de 2de september, kon men beginnen aan de voorbereiding van het Ceciliaconcert van 19 november.  Het omvatte 1.  Salut au drapeau (A. Oury) 2.  Fakkeldans (Meyerbeer) 3.  Op een Perzische Markt (Ketelbey) 4.  Militaire Mars (Frémaux) 5.  A la Russe (Prévost) en 6.  1805 Mars (L. Gasia).  Nadien speelde Excelsior "Non stop" anderhalf uur sketches.  Duizend (!) toehoorders luisterden muisstil naar 65 muzikanten onder leiding van Richard Van Hyfte.  Op het banket werd hem de gouden medaille van Leopold II opgespeld, terwijl de harmonie de mars 1805 en nadien de Brabançonne speelde.  Dit had het roerend afscheid kunnen zijn van een man die gedurende meer dan 50 jaar zijn beste krachten aan de harmonie wijdde.

In de jaren vijftig bestond er in de harmonie een spaarkas De Vriendenkring met de bedoeling te sparen voor een reis of voor een etentje.  Voorzitter daarvan was Marcel Batsleer en bestuursleden Paul Bastien, Richard Van Hyfte, Emiel Dubois, Urbaan Van De Woestyne en Jef Van der Bruggen (uitbater van de Gouden Leeuw), die op 6 februari 1951 een lekker souper klaarmaakte voor de 65 leden en hun vrouw.

Op 24 april 1952 organiseerde De Vriendenkring de opvoering van de operette De trouwlustige Nathalie door de groep Dickson ter voordele van de harmonie en op Hemelvaartdag van 1952 en 1953 speelden ze een voetbalwedstrijd tegen de harmonie op het SK-plein (nu Elzenboslaan) en wonnen.

vervolgt.

__________________________

(66) Processiemarsen.  Terug naar de tekst
(67) Tijdens een concert in 1906 op de Markt, Richard Van Hyfte speelde toen bugel, vertolkte hij een solo op trombone wegens de onverwachte afwezigheid van de trombonist.  Terug naar de tekst
(68) De socialistische harmonie Vooruitzicht was reeds voor de oorlog verdwenen.  Terug naar de tekst
(69) 143 ereleden lieten zich inschrijven.  Hun giften varieerden van 50 tot 1.000 fr.  Terug naar de tekst
(70) Laura Vermeire en Karel Corné.  Terug naar de tekst
(71) Nu Beukenhof - Stationsstraat.  Terug naar de tekst
(72) Het bestond uit een eerste deel voor harmonie en een tweede deel door enkele toneelliefhebbers met extracten uit Het Hollands wijfje (E. Kàlmàn), De Lustige Boer (L. Fall) en een sketch Na de fuifTerug naar de tekst
 

Separator

Koninklijke Katholieke Harmonie Amicitia 1 - 2 - 3 - 4 - 5 - 6 - 7

Naar de top van deze blz.

Inhoudstafels
1968 - 1969 - 1970 - 1971 - 1972 - 1973 - 1974 - 1975 - 1976 - 1977
1978 - 1979 - 1980 - 1981 - 1982 - 1983 - 1984 - 1985 - 1986

Welkomblz van tijdschrift "Ons Meetjesland"
Doorzoek «Ons Meetjesland»!

MPL-logo

Copyright notice



Meest recente bijwerking :  25-08-2019